IPv4-subnetting
- Hosts per subnet
- 2(32 − prefix) − 2 (/31: 2, /32: 1)
- Blokgrootte
- 256 − (mask octet)
- Netwerkadres
- IP AND masker
- Broadcastadres
- IP OR (NOT masker): alle hostbits op 1
- Subnetten uit n geleende bits
- 2n
Formuleoverzichten, de belangrijkste methodestappen voor elk onderwerp en 6 oefenopgaven, met volledige oplossingen achterin.
Het netwerk 10.27.23.0/24 wordt verdeeld in gelijke subnetten met prefix /28. Hoeveel subnetten N zijn er?
Een host heeft het adres 10.20.100.93/27. Wat is het vierde octet x van zijn netwerkadres?
Wat kenmerkt een distributed denial-of-service-aanval (DDoS)?
Een remote-terminalapplicatie voelt traag aan omdat kleine pakketten met toetsaanslagen worden tegengehouden. Welk TCP-mechanisme is hier vaak verantwoordelijk voor?
Stel de bits zo in dat ze −71 opslaan in 8-bits tweecomplement. Wat is de waarde U van het patroon, gelezen als getal zonder teken?
Stel de bits in op het 8-bits resultaat van 1101 1110 >> 1. Wat is de waarde R van het resultaat in decimaal?
Antwoord: N = 16
IPv4 subnetting: an address has 32 bits. The prefix /p says how many leading bits identify the network; the remaining 32 − p bits number the hosts. A subnet has 2³²⁻ᵖ addresses, but the first (network address) and last (broadcast address) cannot be given to hosts, so 2³²⁻ᵖ − 2 hosts fit. Exceptions: a /31 (point-to-point link, RFC 3021) uses both of its 2 addresses for hosts, and a /32 is one single address (a single host or a loopback).
Elk /28-subnet heeft 24 − 2 = 14 bruikbare hosts.
Antwoord: x = 64
IPv4-subnetting: een adres heeft 32 bits. Het prefix /p geeft aan hoeveel voorste bits het netwerk aanduiden; de overige 32 − p bits nummeren de hosts. Een subnet heeft 2³²⁻ᵖ adressen, maar het eerste (netwerkadres) en het laatste (broadcastadres) kunnen niet aan hosts worden gegeven, dus er passen 2³²⁻ᵖ − 2 hosts in. Uitzonderingen: een /31 (point-to-pointverbinding, RFC 3021) gebruikt allebei zijn 2 adressen voor hosts, en een /32 is één enkel adres (één host of een loopback).
Antwoord: B · Veel gecompromitteerde machines overspoelen een doelwit met verkeer
Bij een DDoS-aanval overweldigen veel bronnen een server of verbinding, zodat legitieme gebruikers niet bediend kunnen worden. Door de vele bronnen is eenvoudig blokkeren moeilijk.
Antwoord: D · Het algoritme van Nagle
Het algoritme van Nagle wacht met kleine segmenten om ze te bundelen zolang eerdere data onbevestigd is. Dat bespaart bandbreedte, maar geeft extra vertraging bij interactief verkeer.
Antwoord: U = 185
Bits instellen: elke bit is een macht van twee waard (128, 64, …, 1). Eén hexadecimaal cijfer is precies vier bits, en in 8-bits tweecomplement is de meest linkse bit −128 waard. Bitsgewijze bewerkingen werken op elke bitpositie apart.
Antwoord: R = 111
Bits instellen: elke bit is een macht van twee waard (128, 64, …, 1). Eén hexadecimaal cijfer is precies vier bits, en in 8-bits tweecomplement is de meest linkse bit −128 waard. Bitsgewijze bewerkingen werken op elke bitpositie apart.
Naar rechts schuiven met 1 verplaatst elke bit 1 plaatsen naar rechts; bits die rechts uit beeld vallen gaan verloren en links komen nullen binnen.
ExamProblems · examproblems.com/courses/computer-networks