Break-evenanalyse
- Dekkingsbijdrage
- CM = p − v
- Break-evenafzet
- QBE = FC/(p − v)
- Doelwinst
- Q = (FC + profit)/(p − v)
- Winst
- π = (p − v)·Q − FC
- Veiligheidsmarge
- (Q − QBE)/Q
Formuleoverzichten, de belangrijkste methodestappen voor elk onderwerp en 4 oefenopgaven, met volledige oplossingen achterin.
Een bedrijf verkoopt 1 800 stuks voor €30 per stuk. De variabele kosten zijn €25 per stuk en de vaste kosten €7 500. Bereken de operationele hefboom DOL bij dit verkoopniveau.
Een product wordt verkocht voor €11 per stuk, met variabele kosten van €8 per stuk en vaste kosten van €12 000 per jaar. De begrote afzet is 4 800 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Een voorziening wordt opgenomen als een onderneming heeft:
Het maken van een onderdeel kost €10 materiaal, €6 arbeid en €4 variabele indirecte kosten, plus €5 vaste indirecte kosten die toch doorlopen. Een leverancier biedt het aan voor €22. Wat moet het bedrijf op basis van de kosten doen?
Antwoord: DOL = 6
Operationele hefboom: vaste kosten laten de winst sterker reageren dan de omzet. De operationele hefboom DOL = dekkingsbijdrage/bedrijfsresultaat geeft aan dat een verandering van 1% in de verkopen de winst met DOL % verandert. Hij is heel hoog net boven het break-evenpunt en daalt als de verkopen groeien.
Antwoord: MS = 16,67 %
Kosten-volume-winst: elke verkochte eenheid levert een dekkingsbijdrage op: prijs min variabele kosten per stuk. Winst = Q·(p − v) − F, waarbij F de vaste kosten zijn. Bij het break-evenpunt is de winst nul, dus Q = F/(p − v).
Antwoord: C · Een bestaande verplichting door een gebeurtenis in het verleden, een waarschijnlijke uitstroom en een betrouwbare schatting
Voorzieningen zijn verplichtingen met een onzeker tijdstip of bedrag. Mogelijke verplichtingen die niet aan de criteria voldoen, worden als voorwaardelijke verplichtingen toegelicht.
Antwoord: B · Zelf maken, omdat de relevante kosten van €20 onder €22 liggen
Door in te kopen wordt alleen de €20 aan variabele kosten vermeden; de €5 vaste indirecte kosten blijven. Zelf maken kost €20 tegenover €22 bij inkoop, dus zelf maken bespaart €2 per eenheid.
ExamProblems · examproblems.com/courses/management-accounting