Prijselasticiteit van de vraag
- Prijselasticiteit (middelpuntmethode)
- E = (ΔQ/Q̄)/(ΔP/P̄)
- Elastisch / inelastisch
- |E| > 1 elastisch, |E| < 1 inelastisch
- Omzet
- TR = P·Q
Formuleoverzichten, de belangrijkste methodestappen voor elk onderwerp en 4 oefenopgaven, met volledige oplossingen achterin.
Als de prijs van een kaartje verandert van €15,00 naar €19,00, verandert de weekafzet van 200 naar 90. Gebruik de middelpuntmethode (boogelasticiteit) om de prijselasticiteit van de vraag E te berekenen.
De vraag naar een product is Q = 80 − 4P, met P in euro. Bereken de prijselasticiteit van de vraag E bij een prijs van €12.
Een stijgend consumentenvertrouwen zal waarschijnlijk:
Ricardiaanse equivalentie suggereert dat een met schuld gefinancierde belastingverlaging:
Antwoord: E = −3,224
Prijselasticiteit van de vraag meet hoe sterk de gevraagde hoeveelheid op de prijs reageert: E = (% verandering hoeveelheid)/(% verandering prijs). Voor normale goederen is die negatief. |E| > 1 is elastisch (de omzet daalt als de prijs stijgt), |E| < 1 is inelastisch.
Antwoord: E = −1,5
Prijselasticiteit van de vraag meet hoe sterk de gevraagde hoeveelheid op de prijs reageert: E = (% verandering hoeveelheid)/(% verandering prijs). Voor normale goederen is die negatief. |E| > 1 is elastisch (de omzet daalt als de prijs stijgt), |E| < 1 is inelastisch.
|E| > 1: de vraag is elastisch.
Antwoord: A · De geaggregeerde vraag naar rechts verschuiven
Meer vertrouwen verhoogt de consumptie bij elk prijsniveau, waardoor de AV-curve naar rechts verschuift en op korte termijn de productie en mogelijk de prijzen stijgen.
Antwoord: B · Weinig effect heeft op de bestedingen, omdat huishoudens sparen om verwachte toekomstige belastingen te betalen
Als consumenten vooruitkijken en zien dat overheidsleningen later hogere belastingen betekenen, sparen ze de belastingverlaging, zodat de geaggregeerde vraag nauwelijks verandert.
ExamProblems · examproblems.com/courses/microeconomics