Thermodynamica 1: samenvattingspakket

Formuleoverzichten, de belangrijkste methodestappen voor elk onderwerp en 8 oefenopgaven, met volledige oplossingen achterin.

Nieuwe opgavenTerug naar het vak

Kies in het printvenster “Opslaan als pdf” om een kopie op je apparaat te bewaren.

1Formules en methoden

Ideale gaswet

Ideale gaswet
pV = nRT
Gasconstante
R = 8,314 J/(mol·K)
Algemene gaswet
p1V1/T1 = p2V2/T2
Mol
n = m/M
Temperatuur
T[K] = T[°C] + 273,15

Energiebalans

Voelbare warmte
Q = ṁ·cp·ΔT
Latente warmte
Q = ṁ·hfg
Mengen
ΣṁcpTin = ΣṁcpTout
Water
cp ≈ 4,18 kJ/(kg·K)

Warmtemotoren en koelmachines

Rendement
η = W/QH = 1 − QC/QH
Carnotrendement
ηC = 1 − TC/TH (kelvin)
COP van de koelmachine
COPR = QC/W
COP van de warmtepomp
COPHP = QH/W = COPR + 1
Energiebalans
QH = W + QC

Gaskringprocessen

Isentroop, volumeverhouding
T2/T1 = rk−1
Isentroop, drukverhouding
T2/T1 = rp(k−1)/k
Otto-rendement
η = 1 − 1/rk−1
Diesel-rendement
η = 1 − (1/rk−1)·(rck − 1)/(k(rc − 1))
Brayton-rendement
η = 1 − 1/rp(k−1)/k
Toegevoerde warmte
Otto: cv(T3 − T2) Diesel, Brayton: cp(T3 − T2)
Netto arbeid Brayton
w = cp[(T3 − T4) − (T2 − T1)]
Isentrope rendementen
wc = wc,s/ηc, wt = ηt·wt,s
Koude lucht
k = 1,4, cp = 1,005, cv = 0,718 kJ/(kg·K)

2Oefenopgaven

1.Ideale gaswetGemiddeld
350 g CO₂P = 700 kPaT = 65 °CV = ?

Welk volume V neemt 350 g CO₂ in bij 700 kPa en 65 °C? Behandel het als een ideaal gas.

m = 350 gM = 44,01 g/molP = 700 kPaT = 65 °CR = 8,314 J/(mol·K)
V = L
2.Ideale gaswetMoeilijk
Toestand 1Toestand 2

Een vaste hoeveelheid N₂ gaat van 350 kPa, 5 L, 30 °C naar 500 kPa en 120 °C. Vind het nieuwe volume V2.

P1 = 350 kPaV1 = 5 LT1 = 30 °CP2 = 500 kPaT2 = 120 °C
V2 = L
3.EnergiebalansGemiddeld
warme kantkoude kantglycolmengsel · 140 °C90 °Cwater · 20 °Ct = ? °C

Warme glycolmengsel koelt water in een tegenstroomwarmtewisselaar zonder warmteverlies. Vind de uittredetemperatuur van het water tout.

ṁh = 1,5 kg/scp,h = 3,6 kJ/(kg·K)Th: 140 → 90 °Cṁc = 1,5 kg/scp,c = 4,18 kJ/(kg·K)tin = 20 °C
tout = °C
4.EnergiebalansMoeilijk
warme kantkoude kantethanol · 140 °C60 °Cwater · 20 °C60 °C · ṁ = ?10% verlies

Warme ethanol verwarmt water in een warmtewisselaar die 10% van de door de warme stroom afgegeven warmte aan de omgeving verliest. Vind het benodigde waterdebiet ṁc.

ṁh = 1 kg/scp,h = 2,44 kJ/(kg·K)Th: 140 → 60 °Ct: 20 → 60 °Ccp,c = 4,18 kJ/(kg·K)verlies = 10 %
ṁc = kg/s
5.Warmtemotoren en koelmachinesGemiddeld
TH​ = 700 °CTL​ = 15 °CEQH​ = 1000 kJQL​W = ?

Een warmtemotor werkt tussen een warm reservoir van 700 °C en een koud reservoir van 15 °C. Hij neemt 1000 kJ warmte op. Vind de meeste arbeid Wmax die hij zou kunnen leveren.

TH = 700 °CTL = 15 °CQH = 1000 kJ
Wmax = kJ
6.Warmtemotoren en koelmachinesMoeilijk
TH​ = 20 °CTL​ = -5 °CHPQ̇H​ = 13 kWQ̇L​Ẇ = ?

Een warmtepomp houdt een huis op 20 °C terwijl het buiten -5 °C is, en levert 13 kW warmte aan het huis. Vind het minimaal benodigde vermogen Ẇmin.

TH = 20 °CTL = -5 °CQ̇H = 13 kW
Ẇmin = kW
7.GaskringprocessenGemiddeld
vP1234qin​qout​

Een ideaal Diesel-kringproces heeft een compressieverhouding r = 17 en een afsnijverhouding rc = v₃/v₂ = 2,2. Gebruik de koude-luchtstandaardaannamen: lucht is een ideaal gas met constante soortelijke warmtes, k = 1,4, cp = 1,005 kJ/(kg·K) en cv = 0,718 kJ/(kg·K). Vind het thermisch rendement η in procent.

r = 17rc = 2,2k = 1,4
η = %
8.GaskringprocessenMoeilijk
vP1234qin​qout​

Een gasturbine-installatie werkt volgens een Brayton-kringproces met een drukverhouding van de compressor van 18. Lucht komt de compressor in met 300 K en de turbine met 1400 K. De compressor heeft een isentroop rendement van 88% en de turbine 88%. Gebruik de koude-luchtstandaardaannamen: lucht is een ideaal gas met constante soortelijke warmtes, k = 1,4, cp = 1,005 kJ/(kg·K) en cv = 0,718 kJ/(kg·K). Vind de netto arbeid wnet per kilogram lucht, in kJ/kg.

rp = 18T1 = 300 KT3 = 1400 Kηc = 88%ηt = 88%k = 1,4cp = 1,005 kJ/(kg·K)
wnet = kJ/kg

3Oplossingen

1.Ideale gaswet

Antwoord: V = 31,94 L

Ideale gaswet: PV = nRT, met n = m/M.

Mol

n = 350/44,01 = 7,953 mol
T = 65 + 273,15 = 338,1 K

Volume

V = nRT/P = 7,953·8,314·338,1/700 = 31,94 L

Antwoord

V = 31,94 L
2.Ideale gaswet

Antwoord: V2 = 4,539 L

Algemene gaswet: voor een vaste hoeveelheid ideaal gas geldt P1V1/T1 = P2V2/T2.

Absolute temperaturen

T1 = 303,1 K, T2 = 393,1 K

Algemene gaswet

V2 = V1·(P1/P2)·(T2/T1) = 5·(350/500)·(393,1/303,1) = 4,539 L

Antwoord

V2 = 4,539 L
3.Energiebalans

Antwoord: tout = 63,06 °C

Energiebalans van de warmtewisselaar: zonder verliezen geldt ṁhcp,h(Th,in − Th,out) = ṁccp,c(tout − tin).

Warmte afgegeven door de warme stroom

Q = 1,5·3,6·(140 − 90) = 270 kW

Warmte opgenomen door het water

tout = tin + Q/(ṁccp,c) = 20 + 270/(1,5·4,18) = 63,06 °C

Antwoord

tout = 63,06 °C
4.Energiebalans

Antwoord: ṁc = 1,051 kg/s

Energiebalans met verliezen: afgegeven warmte = opgenomen warmte + verloren warmte.

Afgegeven warmte

Qh = 1·2,44·(140 − 60) = 195,2 kW

Warmte die het water bereikt

Qc = (1 − 0,1)·195,2 = 175,7 kW

Waterdebiet

ṁc = Qc/(cp,c·Δt) = 175,7/(4,18·40) = 1,051 kg/s

Antwoord

ṁc = 1,051 kg/s
5.Warmtemotoren en koelmachines

Antwoord: Wmax = 703,9 kJ

Grenzen van de tweede hoofdwet: geen kringproces tussen reservoirs op absolute temperaturen TH en TL kan beter zijn dan het omkeerbare (Carnot)proces: ηmax = 1 − TL/TH, COPR,max = TL/(TH − TL) en COPHP,max = TH/(TH − TL). Energie blijft altijd behouden: QH = W + QL.

Absolute temperaturen

TH = 700 + 273,15 = 973,1 K
TL = 15 + 273,15 = 288,1 K

Carnotrendement

ηmax = 1 − TL/TH = 1 − 288,1/973,1 = 70,39 %

Maximale arbeid

Wmax = ηmax·QH = 0,7039·1000 = 703,9 kJ

Antwoord

Wmax = 703,9 kJ
6.Warmtemotoren en koelmachines

Antwoord: Ẇmin = 1,109 kW

Grenzen van de tweede hoofdwet: geen kringproces tussen reservoirs op absolute temperaturen TH en TL kan beter zijn dan het omkeerbare (Carnot)proces: ηmax = 1 − TL/TH, COPR,max = TL/(TH − TL) en COPHP,max = TH/(TH − TL). Energie blijft altijd behouden: QH = W + QL.

Absolute temperaturen

TH = 20 + 273,15 = 293,1 K
TL = -5 + 273,15 = 268,1 K

Best mogelijke COP

COPHP,max = TH/(TH − TL) = 293,1/(293,1 − 268,1) = 11,73

Minimaal vermogen

Een omkeerbare machine, met de hoogste COP, heeft de minste arbeid nodig.

Ẇmin = Q̇H/COP = 13/11,73 = 1,109 kW

Antwoord

Ẇmin = 1,109 kW
7.Gaskringprocessen

Antwoord: η = 61,37 %

Diesel-kringproces (motor met compressieontsteking): 1→2 isentrope compressie, 2→3 warmtetoevoer bij constante druk, 3→4 isentrope expansie, 4→1 warmteafvoer bij constant volume. Met compressieverhouding r = v₁/v₂ en afsnijverhouding rc = v₃/v₂: T₂ = T₁·rk−1, T₃ = rc·T₂, qin = cp·(T₃ − T₂) en η = 1 − (1/rk−1)·(rck − 1)/(k·(rc − 1)).

Afsnijterm

(2,21,4 − 1)/(1,4·(2,2 − 1)) = 1,2

Thermisch rendement

η = 1 − 0,322·1,2 = 61,37%

Antwoord

η = 61,37%
8.Gaskringprocessen

Antwoord: wnet = 256,2 kJ/kg

Brayton-kringproces (gasturbine): 1→2 isentrope compressie, 2→3 warmtetoevoer bij constante druk, 3→4 isentrope expansie in de turbine, 4→1 warmteafvoer bij constante druk. Met drukverhouding rp = P₂/P₁: T₂ = T₁·rp(k−1)/k, T₄ = T₃/rp(k−1)/k en η = 1 − 1/rp(k−1)/k. Netto arbeid w = cp·[(T₃ − T₄) − (T₂ − T₁)]. Met isentrope rendementen heeft de compressor ws/ηc nodig en levert de turbine ηt·ws.

Isentrope temperaturen

T2s = 300·180,2857 = 685,1 K
T4s = 1400/180,2857 = 613 K

Compressor- en turbinearbeid

wc = 1,005·(685,1 − 300)/0,88 = 439,8 kJ/kg
wt = 0,88·1,005·(1400 − 613) = 696 kJ/kg

Netto arbeid

wnet = 696 − 439,8 = 256,2 kJ/kg

Antwoord

wnet = 256,2 kJ/kg

Verhouding compressor- tot turbinearbeid (back-work ratio): wc/wt = 63,19%.

ExamProblems · examproblems.com/courses/thermodynamics-1