Een oefenbloedgas toont PaO₂ 57 mmHg (7,6 kPa) terwijl de ingeademde zuurstof 24% is. Bereken de ratio P/F = PaO₂/FiO₂ in mmHg.
Werkblad Interpretatie van arteriële bloedgassen met antwoorden
Een oefenbloedgas toont pH 7,27, PaCO₂ 29 mmHg (3,9 kPa) en HCO₃⁻ 13 mmol/L. Welke primaire stoornis is het? Klik op de cel in het raster.
- 1respiratoire acidose
- 2metabole acidose
- 3respiratoire alkalose
- 4metabole alkalose
Een oefengas toont PaCO₂ 78 mmHg (10,4 kPa). Gebruik de regel dat bij chronische respiratoire acidose stijgt HCO₃⁻ met 3,5 mmol/L voor elke 10 mmHg die PaCO₂ boven 40 ligt, uitgaand van een HCO₃⁻ van 24 mmol/L, om de verwachte HCO₃⁻ te vinden.
Een oefengas toont een metabole acidose met HCO₃⁻ 10 mmol/L. Gebruik de formule van Winter om de verwachte PaCO₂ (het midden van het gebied) in mmHg te vinden.
Oefenwaarden: Na⁺ 134, Cl⁻ 107, HCO₃⁻ 12 mmol/L en albumine 36 g/L. Bepaal de voor albumine gecorrigeerde anion gap AGc = AG + 0,25·(40 − albumine).
Oefenwaarden: Na⁺ 135, Cl⁻ 110, HCO₃⁻ 13 mmol/L en albumine 25 g/L. Bepaal de voor albumine gecorrigeerde anion gap AGc = AG + 0,25·(40 − albumine).
Antwoordenblad
- 1. P/F = 237,5 mmHg
- 2. metabole acidose
- 3. HCO₃⁻ = 37,3 mmol/L
- 4. PaCO₂ = 23 mmHg
- 5. AGc = 16 mmol/L
- 6. AGc = 15,75 mmol/L
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.