Oefenwaarden: Na⁺ 135, K⁺ 3,5, Cl⁻ 104 en HCO₃⁻ 10 mmol/L. Bereken de anion gap AG = Na⁺ − (Cl⁻ + HCO₃⁻), zonder kalium.
Werkblad Interpretatie van arteriële bloedgassen met antwoorden
Oefenwaarden: Na⁺ 135, K⁺ 4,8, Cl⁻ 101 en HCO₃⁻ 20 mmol/L. Bereken de anion gap AG = Na⁺ − (Cl⁻ + HCO₃⁻), zonder kalium.
Een oefenbloedgas toont pH 7,27, PaCO₂ 78 mmHg (10,4 kPa) en HCO₃⁻ 35 mmol/L. De primaire stoornis is respiratoire acidose. In hoeverre is deze gecompenseerd? Klik op je antwoord.
- 1ongecompenseerd
- 2gedeeltelijk gecompenseerd
- 3volledig gecompenseerd
Een oefengas toont PaCO₂ 71 mmHg (9,5 kPa). Gebruik de regel dat bij acute respiratoire acidose stijgt HCO₃⁻ met 1 mmol/L voor elke 10 mmHg die PaCO₂ boven 40 ligt, uitgaand van een HCO₃⁻ van 24 mmol/L, om de verwachte HCO₃⁻ te vinden.
Een oefengas toont een metabole alkalose met HCO₃⁻ 38 mmol/L. Gebruik verwachte PaCO₂ = 0,7·HCO₃⁻ + 21 om de verwachte PaCO₂ te vinden.
Een oefengas toont een metabole acidose: pH 7,22, PaCO₂ 46 mmHg (6,1 kPa), HCO₃⁻ 18 mmol/L. Vergelijk de gemeten PaCO₂ met de formule van Winter. Klik op je interpretatie.
- 1passende compensatie
- 2extra respiratoire acidose
- 3extra respiratoire alkalose
Antwoordenblad
- 1. AG = 21 mmol/L
- 2. AG = 14 mmol/L
- 3. gedeeltelijk gecompenseerd
- 4. HCO₃⁻ = 27,1 mmol/L
- 5. PaCO₂ = 47,6 mmHg
- 6. extra respiratoire acidose
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.