1.Makkelijk
Wat is exocytose?
- AHet afgeven van stoffen door de cel doordat blaasjes met het membraan versmelten
- BHet afbreken van het celmembraan
- CDe verplaatsing van ionen via eiwitpompen
- DHet opnemen van vloeistof en opgeloste stoffen in kleine blaasjes die door het membraan worden gevormd
2.Makkelijk
In welke fase van de celcyclus wordt het DNA gerepliceerd?
- AS-fase
- BM-fase
- CG1-fase
- DG2-fase
3.Makkelijk
Wie stelden in 1953 het dubbele-helixmodel van DNA voor?
- AMendel en Darwin
- BHershey en Chase
- CWatson en Crick
- DMeselson en Stahl
4.Gemiddeld
Hoe komt glucose de meeste lichaamscellen, zoals rode bloedcellen, binnen?
- ADoor gefaciliteerde diffusie via GLUT-dragereiwitten
- BDoor enkelvoudige diffusie door de lipidendubbellaag
- CDoor primair actief transport met direct ATP-gebruik aan het membraan
- DDoor fagocytose
5.Gemiddeld
Waar bindt RNA-polymerase om de transcriptie van een gen te starten?
- AAan het startcodon
- BAan de promotor
- CAan het stopcodon
- DAan de terminator
6.Gemiddeld
Waar in de cel vindt de citroenzuurcyclus (Krebscyclus) plaats?
- ABinnenmembraan van het mitochondrion
- BMitochondriale matrix
- CCytoplasma
- DIntermembraanruimte
7.Moeilijk
In het experiment van Griffith uit 1928 gingen muizen dood die met door hitte gedode gladde (S) pneumokokken plus levende ruwe (R) bacteriën waren ingespoten. Wat toonde dit aan?
- AR-bacteriën zijn op zichzelf virulent
- BHitte doodt S-bacteriën niet
- CEen stof uit de dode S-cellen zette R-cellen om in een virulente vorm
- DMuizen maken S-bacteriën uit R-bacteriën
8.Moeilijk
In het experiment van Meselson en Stahl werden bacteriën die in ¹⁵N waren gekweekt, overgebracht naar ¹⁴N. Na één replicatieronde vormde al het DNA één band met een tussenliggende dichtheid. Welk model werd hiermee uitgesloten?
- AZowel het semiconservatieve als het dispersieve model
- BHet semiconservatieve model
- CHet conservatieve model
- DHet dispersieve model
Antwoordenblad
- 1. A · Het afgeven van stoffen door de cel doordat blaasjes met het membraan versmelten
- 2. A · S-fase
- 3. C · Watson en Crick
- 4. A · Door gefaciliteerde diffusie via GLUT-dragereiwitten
- 5. B · Aan de promotor
- 6. B · Mitochondriale matrix
- 7. C · Een stof uit de dode S-cellen zette R-cellen om in een virulente vorm
- 8. C · Het conservatieve model
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.