1.Makkelijk
Welk deel van het cytoskelet vormt de spoelfiguur bij de mitose?
- ACollageenvezels
- BActinefilamenten
- CIntermediaire filamenten
- DMicrotubuli
2.Makkelijk
Welk organel maakt vooral lipiden en ontgift geneesmiddelen, vooral in levercellen?
- ALysosoom
- BKernlichaampje (nucleolus)
- CRuw endoplasmatisch reticulum
- DGlad endoplasmatisch reticulum
3.Makkelijk
Wat is de belangrijkste rol van het kernlichaampje (nucleolus)?
- ARibosomaal RNA maken en ribosoomsubeenheden samenstellen
- BHet hele genoom kopiëren
- CBeschadigde eiwitten afbreken die met ubiquitine zijn gemarkeerd
- DATP opslaan voor de kern
4.Gemiddeld
Wat gaat er in anafase I van de meiose uit elkaar?
- ADe centromeren van elk chromatide
- BHele kernen
- CHomologe chromosomen
- DZusterchromatiden
5.Gemiddeld
Waar bindt RNA-polymerase om de transcriptie van een gen te starten?
- AAan de terminator
- BAan het stopcodon
- CAan de promotor
- DAan het startcodon
6.Gemiddeld
Een competitieve remmer bindt aan het actieve centrum van een enzym. Wat kan het effect ervan opheffen?
- ADe remmerconcentratie verhogen
- BDe temperatuur verlagen tot 0 °C
- CDe cofactor van het enzym verwijderen
- DDe substraatconcentratie verhogen
7.Moeilijk
De "two-hit"-hypothese van Knudson, gebaseerd op retinoblastoom, verklaart dat tumorsuppressorgenen:
- AMeestal pas tot een tumor leiden als beide allelen zijn uitgeschakeld
- BKanker veroorzaken als één allel overactief is
- CAltijd in gemuteerde vorm van zowel de moeder als de vader worden overgeërfd
- DAlleen bij kinderen voorkomen
8.Moeilijk
Welk controlepunt zorgt ervoor dat alle chromosomen aan de spoelfiguur vastzitten voordat de anafase begint?
- AHet spoelfiguurcontrolepunt (metafasecontrolepunt)
- BHet G1/S-controlepunt
- CHet G2/M-controlepunt
- DHet S-fasecontrolepunt
Antwoordenblad
- 1. D · Microtubuli
- 2. D · Glad endoplasmatisch reticulum
- 3. A · Ribosomaal RNA maken en ribosoomsubeenheden samenstellen
- 4. C · Homologe chromosomen
- 5. C · Aan de promotor
- 6. D · De substraatconcentratie verhogen
- 7. A · Meestal pas tot een tumor leiden als beide allelen zijn uitgeschakeld
- 8. A · Het spoelfiguurcontrolepunt (metafasecontrolepunt)
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.