Een auto van 1100 kg rijdt met een constante snelheid van 11 m/s door een vlakke bocht met een straal van 150 m. Bereken de benodigde kracht naar binnen (centripetale kracht) Fc.
Werkblad Cirkelbeweging met antwoorden
Een auto van 1400 kg rijdt met een constante snelheid van 28 m/s door een vlakke bocht met een straal van 190 m. Bereken de centripetale versnelling ac.
Een auto neemt een vlakke bocht met een straal van 110 m. De statische wrijvingscoëfficiënt tussen banden en weg is 0,4. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de hoogste snelheid vmax waarmee de auto de bocht kan nemen zonder te slippen.
Een klein balletje aan een touwtje met lengte 1,1 m beweegt in een horizontale cirkel, zodat het touwtje een constante hoek van 60° met de verticaal maakt (een kegelslinger). Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de tijd T voor één omwenteling.
Een karretje van 3 kg wordt vanuit rust losgelaten op een hoogte van 17,5 m op een wrijvingsloze baan en rijdt door een verticale looping met straal 3,5 m. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de normaalkracht Ntop van de baan op het karretje bovenaan de looping.
Een bal aan een touw van 0,7 m wordt rondgeslingerd in een verticale cirkel. Gebruik g = 9,81 m/s². Wat is de kleinste snelheid vmin in het hoogste punt waarbij het touw nog net strak blijft?
Antwoordenblad
- 1. Fc = 887,3 N
- 2. ac = 4,126 m/s²
- 3. vmax = 20,78 m/s
- 4. T = 1,488 s
- 5. Ntop = 147,2 N
- 6. vmin = 2,62 m/s
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.