Een 10-bits ADC heeft een ingangsbereik van 0 tot 2,5 V. Neem 1 LSB = VFSR/2ᴺ en bepaal de grootte van één LSB in mV.
Werkblad Data-acquisitie en bemonstering met antwoorden
Een sensorsignaal bevat frequenties tot 22 kHz. Bepaal de minimale bemonsteringsfrequentie fs,min waarmee het zonder aliasing wordt vastgelegd.
Bepaal de ideale signaal-kwantisatieruisverhouding SQNR van een 16-bits ADC voor een sinus met volle uitsturing.
Een recorder bemonstert één kanaal met 25 kHz en een 16-bits ADC. Elke sample wordt in hele bytes opgeslagen. Bepaal het geheugen M dat nodig is voor een opname van 2 min, in MB (1 MB = 10⁶ bytes).
Een audiometing vraagt een ideale signaal-kwantisatieruisverhouding van minstens 85 dB voor een sinus met volle uitsturing. Bepaal het kleinste aantal ADC-bits N.
Een multiplexer met 8 kanalen voedt één ADC. Elke conversie duurt 20 µs, en na elke kanaalwissel heeft de ingang 0,5 µs nodig om in te stellen. De kanalen worden om de beurt zonder pauze afgetast. Bepaal de bemonsteringsfrequentie fs van elk kanaal, in kHz.
Antwoordenblad
- 1. 1 LSB = 2,441 mV
- 2. fs,min = 44 kHz
- 3. SQNR = 98,08 dB
- 4. M = 6 MB
- 5. N = 14
- 6. fs = 6,098 kHz
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.