Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een nieuwe test is in een studie vergeleken met de referentiestandaard (zie de 2 × 2-tabel). Bepaal sensitiviteit Se als percentage. Rond af op één decimaal.
Werkblad Statistiek voor evidence-based practice met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een nieuwe test is in een studie vergeleken met de referentiestandaard (zie de 2 × 2-tabel). Bepaal negatief voorspellende waarde NPV als percentage. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt-controleonderzoek vergelijkt 300 patiënten met een ziekte (cases) en 460 mensen zonder die ziekte (controles). De tabel toont hoeveel mensen in elke groep aan een risicofactor waren blootgesteld. Bepaal de odds ratio OR voor de blootstelling. Rond af op twee decimalen.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een test heeft een sensitiviteit van 89% en een specificiteit van 79%. Bepaal de negatieve likelihoodratio LR−. Rond af op twee decimalen.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt heeft een voortestkans van 5% op een ziekte. Een test met sensitiviteit 98% en specificiteit 65% geeft een positief uitslag. Bepaal de natestkans p′ op de ziekte als percentage. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). 10 000 mensen worden gescreend met een test met sensitiviteit 97% en specificiteit 82%. De prevalentie van de ziekte is 17%. Hoeveel mensen met de ziekte worden door de test gemist (onterecht negatieven, FN)?
Antwoordenblad
- 1. Se = 79,1 %
- 2. NPV = 98,3 %
- 3. OR = 1,6
- 4. LR− = 0,14
- 5. p′ = 12,8 %
- 6. FN = 51
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.