Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een nieuwe test is in een studie vergeleken met de referentiestandaard (zie de 2 × 2-tabel). Bepaal positief voorspellende waarde PPV als percentage. Rond af op één decimaal.
Werkblad Statistiek voor evidence-based practice met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een nieuwe test is in een studie vergeleken met de referentiestandaard (zie de 2 × 2-tabel). Bepaal specificiteit Sp als percentage. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een test heeft een sensitiviteit van 68% en een specificiteit van 75%. Bepaal de positieve likelihoodratio LR+. Rond af op twee decimalen.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). In een gerandomiseerde studie kregen 220 patiënten een nieuwe behandeling en 430 de controlebehandeling. De tabel toont hoeveel patiënten in elke groep een bijwerking hadden. Bepaal het number needed to harm NNH: hoeveel patiënten moeten worden behandeld om één extra patiënt de bijwerking te laten krijgen? Rond naar boven af op een geheel aantal patiënten.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een screeningstest heeft een sensitiviteit van 75% en een specificiteit van 98%. Hij wordt gebruikt in een populatie met een prevalentie van 2%. Bepaal de positief voorspellende waarde PPV als percentage. Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt heeft een voortestkans van 50% op een ziekte. Een test met sensitiviteit 85% en specificiteit 93% geeft een negatief uitslag. Bepaal de natestkans p′ op de ziekte als percentage. Rond af op één decimaal.
Antwoordenblad
- 1. PPV = 43,8 %
- 2. Sp = 81,9 %
- 3. LR+ = 2,72
- 4. NNH = 16
- 5. PPV = 43,4 %
- 6. p′ = 13,9 %
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.