Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.
Naam: ____________________ Datum: ____________
1.Makkelijk
Welke hormonen zijn de belangrijkste regelaars van het basaalmetabolisme?
AMelatonine en serotonine
BSchildklierhormonen (T3 en T4)
COestrogeen en progesteron (steroïden van de eierstokken)
DInsuline en glucagon
2.Makkelijk
Wat is de typische rustmembraanpotentiaal van een neuron?
AOngeveer +70 mV
BOngeveer −10 mV
COngeveer 0 mV
DOngeveer −70 mV
3.Makkelijk
Welk deel van de hersenen regelt lichaamstemperatuur, honger en dorst?
AAchterhoofdskwab
BVerlengde merg (medulla oblongata)
CHypothalamus
DKleine hersenen (cerebellum)
4.Gemiddeld
Waarom geleiden gemyeliniseerde axonen actiepotentialen sneller dan ongemyeliniseerde?
AMyeline maakt het axon dunner
BDe impuls springt van de ene knoop van Ranvier naar de andere
CMyeline bevat meer natriumkanalen
DMyeline geeft langs het axon neurotransmitter af
5.Gemiddeld
Welk hormoon geeft de bijnierschors af als reactie op ACTH?
AThyroxine
BCortisol
CAdrenaline
DAldosteron, als belangrijkste reactie
6.Gemiddeld
Het Frank-Starlingmechanisme beschrijft dat:
Ade boezems na de kamers samentrekken
Bde hartslag stijgt als de arteriële bloeddruk plotseling daalt
Cde contractiliteit daalt als de temperatuur stijgt
Dhet slagvolume stijgt als de kamervulling toeneemt
7.Moeilijk
Waarom levert een skeletspiervezel volgens de lengte-spanningsrelatie minder kracht als ze te ver is uitgerekt?
ADe spier raakt bij rek door zijn ATP heen
BBij rek komt geen calcium meer vrij uit het sarcoplasmatisch reticulum
CActine en myosine overlappen minder, zodat er minder dwarsbruggen ontstaan
DDe neuromusculaire overgang stopt met werken
8.Moeilijk
Hoe past de linkerkamer zich aan bij langdurige aortaklepstenose?
AVerdunning van de wand met dilatatie
BConcentrische hypertrofie met een dikkere wand
CGeen verandering, omdat de klep geen deel van de kamer is
DAtrofie van de spier door minder werk
Antwoordenblad
1. B · Schildklierhormonen (T3 en T4)
2. D · Ongeveer −70 mV
3. C · Hypothalamus
4. B · De impuls springt van de ene knoop van Ranvier naar de andere
5. B · Cortisol
6. D · het slagvolume stijgt als de kamervulling toeneemt
7. C · Actine en myosine overlappen minder, zodat er minder dwarsbruggen ontstaan
8. B · Concentrische hypertrofie met een dikkere wand
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.