Bereken de pH pH van een 0,02 mol/L-oplossing NaOH, een sterke base, bij 25 °C.
Werkblad pH & buffers met antwoorden
1.Makkelijk
c = 0,02 mol/L
pH =
2.Makkelijk
Bereken de pH pH van een 0,001 mol/L-oplossing zoutzuur (HCl), een sterk zuur.
c = 0,001 mol/L
pH =
3.Gemiddeld
Bereken de pH pH van een 0,25 mol/L-oplossing hypochlorigzuur (Ka = 3 × 10⁻⁸).
c = 0,25 mol/LKa = 3 × 10⁻⁸
pH =
4.Gemiddeld
Bereken de pH pH van een 0,5 mol/L-oplossing azijnzuur (Ka = 1,8 × 10⁻⁵).
c = 0,5 mol/LKa = 1,8 × 10⁻⁵
pH =
5.Moeilijk
Een buffer bevat 0,5 mol/L waterstoffluoride en 0,2 mol/L van het natriumzout. Ka = 0,00068. Bereken de pH pH van de buffer.
[HA] = 0,5[A⁻] = 0,2Ka = 0,00068
pH =
6.Moeilijk
Een buffer van 1,00 L bevat 0,25 mol mierenzuur en 0,2 mol van de geconjugeerde base (Ka = 0,00018). Er wordt 0,025 mol NaOH toegevoegd. Bereken de nieuwe pH pH.
n(HA) = 0,25 moln(A⁻) = 0,2 moln(OH⁻) = 0,025 molKa = 0,00018
pH =
Antwoordenblad
- 1. pH = 12,3
- 2. pH = 3
- 3. pH = 4,063
- 4. pH = 2,524
- 5. pH = 2,77
- 6. pH = 3,745
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.