Bereken de pH pH van een 0,5 mol/L-oplossing zoutzuur (HCl), een sterk zuur.
Werkblad pH & buffers met antwoorden
1.Makkelijk
c = 0,5 mol/L
pH =
2.Makkelijk
Bereken de pH pH van een 0,02 mol/L-oplossing NaOH, een sterke base, bij 25 °C.
c = 0,02 mol/L
pH =
3.Gemiddeld
Bereken de pH pH van een 0,05 mol/L-oplossing benzoëzuur (Ka = 6,3 × 10⁻⁵).
c = 0,05 mol/LKa = 6,3 × 10⁻⁵
pH =
4.Gemiddeld
Bereken de pH pH van een 0,1 mol/L-oplossing benzoëzuur (Ka = 6,3 × 10⁻⁵).
c = 0,1 mol/LKa = 6,3 × 10⁻⁵
pH =
5.Moeilijk
Een buffer bevat 0,1 mol/L hypochlorigzuur en 0,15 mol/L van het natriumzout. Ka = 3 × 10⁻⁸. Bereken de pH pH van de buffer.
[HA] = 0,1[A⁻] = 0,15Ka = 3 × 10⁻⁸
pH =
6.Moeilijk
Een buffer van 1,00 L bevat 0,2 mol azijnzuur en 0,25 mol van de geconjugeerde base (Ka = 1,8 × 10⁻⁵). Er wordt 0,05 mol NaOH toegevoegd. Bereken de nieuwe pH pH.
n(HA) = 0,2 moln(A⁻) = 0,25 moln(OH⁻) = 0,05 molKa = 1,8 × 10⁻⁵
pH =
Antwoordenblad
- 1. pH = 0,301
- 2. pH = 12,3
- 3. pH = 2,759
- 4. pH = 2,606
- 5. pH = 7,699
- 6. pH = 5,046
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.