1.LimietenGemiddeld
Bereken de limiet L = limx→∞ (1 + 1/x)2x. Geef een decimale waarde.
f(x) = (1 + 1/x)2xx → ∞
L =
2.LimietenMoeilijk
Bereken de limiet L = limx→0 ln(1 + 4x)/sin(2x), met x in radialen.
f(x) = ln(1 + 4x)/sin(2x)x → 0
L =
3.AfgeleidenGemiddeld
Gegeven f(x) = x·sin(3x), met x in radialen. Bereken f′(1,5).
f(x) = x·sin(3x)x = 1,5 rad
f′(1.5) =
4.AfgeleidenMoeilijk
De raaklijn aan f(x) = 2x2 − 4x − 4 in x = 2 snijdt de y-as in y = b. Bereken b.
f(x) = 2x2 − 4x − 4x = 2
b =
5.OptimalisatieGemiddeld
Een open doos (zonder deksel) met een vierkant grondvlak moet 500 cm³ bevatten. Gebruik zo weinig mogelijk materiaal, dus de kleinste oppervlakte van bodem plus vier zijkanten. Bereken de minimale oppervlakte S.
V = 500 cm³
S = cm²
6.OptimalisatieMoeilijk
Een klein bedrijf verkoopt zijn product tegen een vaste marktprijs van €75 per eenheid. Het produceren van q eenheden kost C(q) = 100 + 66q + 0,2q² euro. Bereken de maximale winst P.
p = €75C = 100 + 66q + 0,2q²
P = €
7.IntegralenGemiddeld
Bereken I = ∫03 e−0,5x dx.
f(x) = e−0,5x[0, 3]
I =
8.IntegralenMoeilijk
Bereken de oppervlakte A van het gebied ingesloten door y = x2 en y = 4x.
y = x2y = 4x
A =
9.DifferentiaalvergelijkingenGemiddeld
Een blikje frisdrank van 4 °C wordt uit de koelkast in een kamer van 26 °C gezet. Na 27 min is de temperatuur 22 °C. Het volgt de afkoelingswet van Newton, dT/dt = −k·(T − Tₐ). Bereken de constante k in min⁻¹.
T0 = 4 °CTa = 26 °CT(27) = 22 °C
k = min⁻¹
10.DifferentiaalvergelijkingenMoeilijk
Een tank bevat 100 L zuiver water. Pekel met 0,25 kg zout per liter stroomt in met 20 L/min, en de goed gemengde oplossing stroomt met dezelfde snelheid uit. Na hoeveel minuten t bevat de tank 15 kg zout?
V = 100 Lm0 = 0 kgc = 0,25 kg/Lr = 20 L/min
t = min
11.Rijen & reeksenGemiddeld
Bepaal de som S = Σk=1∞ 4/(k(k + 2)).
ak = 4/(k(k + 2))
S =
12.Rijen & reeksenMoeilijk
f(x) = ln(1 + x) wordt benaderd door zijn Maclaurinpolynoom van graad 3 in x = 0,1. Gebruik de Lagrange-foutgrens M·|x|ⁿ⁺¹/(n + 1)! met M = 3! = 6 om de grootst mogelijke fout |R₃| te vinden.
f(x) = ln(1 + x)n = 3x = 0,1M = 6
|R₃| =