1.LimietenGemiddeld
Bereken de limiet L = limx→∞ (1 − 2/x)2x. Geef een decimale waarde.
f(x) = (1 − 2/x)2xx → ∞
L =
2.LimietenMoeilijk
Bereken de limiet L = limx→0 (e1,5x − 1 − 1,5x)/x².
f(x) = (e1,5x − 1 − 1,5x)/x²x → 0
L =
3.AfgeleidenGemiddeld
Gegeven f(x) = x2·e−0,5x. Bereken f′(2).
f(x) = x2·e−0,5xx = 2
f′(2) =
4.AfgeleidenMoeilijk
De raaklijn aan f(x) = −x2 − 4x − 5 in x = 2 snijdt de y-as in y = b. Bereken b.
f(x) = −x2 − 4x − 5x = 2
b =
5.OptimalisatieGemiddeld
Een gesloten cilindrisch blik (met deksel en bodem) moet 500 cm³ bevatten. Het gebruikte metaal is evenredig met de totale buitenoppervlakte. Bereken de hoogte h van het blik waarbij het minste materiaal nodig is.
V = 500 cm³
h = cm
6.OptimalisatieMoeilijk
Een bedrijf verkoopt q eenheden per week. De prijs waartegen het die kan verkopen is p = 70 − 0,25q euro per eenheid, en de kosten zijn C(q) = 700 + 10q euro. Bereken de wekelijkse productie q die de winst maximaliseert.
p = 70 − 0,25qC = 700 + 10q
q = stuks
7.IntegralenGemiddeld
Het gebied onder y = √(2x) van x = 0 tot x = 3 wordt om de x-as gewenteld. Bepaal het volume V van het lichaam (een paraboloïde).
y = √(2x)0 ≤ x ≤ 3
V =
8.IntegralenMoeilijk
Bereken de oppervlakte A van het gebied ingesloten door y = x2 en y = 3x.
y = x2y = 3x
A =