Een product wordt verkocht voor €10 per stuk. De variabele kosten zijn €4 per stuk en de vaste kosten €7 200 per maand. Bereken de maandwinst Π als er 720 stuks worden verkocht (een verlies is negatief).
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een bedrijf verkoopt een product voor €22 per stuk. De variabele kosten zijn €20 per stuk en de vaste kosten €1 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Een product wordt verkocht voor €22 per stuk met variabele kosten van €12 per stuk. De vaste kosten zijn €50 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €10 000?
Een product kan op twee manieren worden gemaakt. Methode A heeft vaste kosten van €15 000 per jaar en variabele kosten van €12 per stuk. Methode B, meer geautomatiseerd, heeft vaste kosten van €40 000 per jaar en variabele kosten van €7 per stuk. Bij welk jaarvolume Q kosten beide methoden evenveel?
Een product wordt verkocht voor €20 per stuk, met variabele kosten van €8 per stuk en vaste kosten van €18 000 per jaar. De begrote afzet is 2 400 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Een product wordt verkocht voor €20 per stuk, met variabele kosten van €8 per stuk en vaste kosten van €60 000 per jaar. De begrote afzet is 8 000 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Antwoordenblad
- 1. Π = −2880 €
- 2. Q = 500 stuks
- 3. Q = 6000 stuks
- 4. Q = 5000 stuks
- 5. MS = 37,5 %
- 6. MS = 37,5 %
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.