Een bedrijf verkoopt een product voor €35 per stuk. De variabele kosten zijn €15 per stuk en de vaste kosten €40 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een cateraar verwacht 4 000 maaltijden per maand te verkopen. Elke maaltijd heeft variabele kosten van €8 en de vaste kosten zijn €12 000 per maand. Wat is de laagste prijs p per maaltijd waarbij de cateraar quitte speelt?
Een product wordt verkocht voor €20 per stuk met variabele kosten van €12 per stuk. De vaste kosten zijn €40 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €20 000?
Een bedrijf verkoopt 12 000 stuks voor €20 per stuk. De variabele kosten zijn €15 per stuk en de vaste kosten €20 000. Bereken de operationele hefboom DOL bij dit verkoopniveau.
Een product wordt verkocht voor €18 per stuk, met variabele kosten van €6 per stuk en vaste kosten van €14 400 per jaar. De begrote afzet is 1 380 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Een bedrijf verkoopt 10 000 stuks voor €33 per stuk, met variabele kosten van €25 per stuk en vaste kosten van €40 000. Met welk percentage %ΔΠ verandert het bedrijfsresultaat als het afzetvolume met 5 % daalt?
Antwoordenblad
- 1. Q = 2000 stuks
- 2. p = 11 €
- 3. Q = 7500 stuks
- 4. DOL = 1,5
- 5. MS = 13,04 %
- 6. %ΔΠ = −10 %
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.