Een bedrijf verkoopt een product voor €35 per stuk. De variabele kosten zijn €15 per stuk en de vaste kosten €80 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een bedrijf verkoopt een product voor €30 per stuk. De variabele kosten zijn €15 per stuk en de vaste kosten €37 500 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Een product wordt verkocht voor €9 per stuk met variabele kosten van €4 per stuk. De vaste kosten zijn €6 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €5 000?
Een product wordt verkocht voor €35 met variabele kosten van €30 per stuk. De vaste kosten zijn €2 500 per maand en over de winst wordt 20 % belasting geheven. Hoeveel stuks Q moeten er per maand worden verkocht om €500 na belasting te verdienen?
Een bedrijf verkoopt 1 200 stuks voor €10 per stuk, met variabele kosten van €4 per stuk en vaste kosten van €4 800. Met welk percentage %ΔΠ verandert het bedrijfsresultaat als het afzetvolume met 20 % daalt?
Een bedrijf verkoopt twee producten. Product A wordt verkocht voor €18 met variabele kosten van €15; product B voor €40 met variabele kosten van €20. Ze worden verkocht in een vaste verhouding van 3 stuks A op elke 2 B. De vaste kosten zijn €24 500 per maand. Bereken het totale aantal stuks Q (A en B samen) dat nodig is om quitte te spelen.
Antwoordenblad
- 1. Q = 4000 stuks
- 2. Q = 2500 stuks
- 3. Q = 2200 stuks
- 4. Q = 625 stuks
- 5. %ΔΠ = −60 %
- 6. Q = 2500 stuks
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.