Een cateraar verwacht 5 000 maaltijden per maand te verkopen. Elke maaltijd heeft variabele kosten van €6 en de vaste kosten zijn €25 000 per maand. Wat is de laagste prijs p per maaltijd waarbij de cateraar quitte speelt?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een bedrijf verkoopt een product voor €11 per stuk. De variabele kosten zijn €8 per stuk en de vaste kosten €15 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Een product wordt verkocht voor €34 per stuk met variabele kosten van €30 per stuk. De vaste kosten zijn €16 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €6 000?
Een product wordt verkocht voor €8 per stuk met variabele kosten van €4 per stuk. De vaste kosten zijn €20 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €2 000?
Een product wordt verkocht voor €17 per stuk, met variabele kosten van €12 per stuk en vaste kosten van €10 000 per jaar. De begrote afzet is 3 200 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Een bedrijf verkoopt 3 000 stuks per maand voor €40 per stuk, met variabele kosten van €25 per stuk en vaste kosten van €18 000 per maand. De variabele kosten stijgen met €3 per stuk en de prijs blijft gelijk. Hoeveel stuks Q moeten er nu per maand worden verkocht om dezelfde winst te houden?
Antwoordenblad
- 1. p = 11 €
- 2. Q = 5000 stuks
- 3. Q = 5500 stuks
- 4. Q = 5500 stuks
- 5. MS = 37,5 %
- 6. Q = 3750 stuks
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.