Een cateraar verwacht 2 500 maaltijden per maand te verkopen. Elke maaltijd heeft variabele kosten van €15 en de vaste kosten zijn €5 000 per maand. Wat is de laagste prijs p per maaltijd waarbij de cateraar quitte speelt?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een bedrijf verkoopt een product voor €33 per stuk. De variabele kosten zijn €25 per stuk en de vaste kosten €32 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Een product kan op twee manieren worden gemaakt. Methode A heeft vaste kosten van €25 000 per jaar en variabele kosten van €12 per stuk. Methode B, meer geautomatiseerd, heeft vaste kosten van €30 000 per jaar en variabele kosten van €7 per stuk. Bij welk jaarvolume Q kosten beide methoden evenveel?
Een product kan op twee manieren worden gemaakt. Methode A heeft vaste kosten van €30 000 per jaar en variabele kosten van €12 per stuk. Methode B, meer geautomatiseerd, heeft vaste kosten van €34 800 per jaar en variabele kosten van €6 per stuk. Bij welk jaarvolume Q kosten beide methoden evenveel?
Een product wordt verkocht voor €11 per stuk, met variabele kosten van €8 per stuk en vaste kosten van €3 000 per jaar. De begrote afzet is 1 150 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Een bedrijf verkoopt 7 500 stuks per maand voor €26 per stuk, met variabele kosten van €18 per stuk en vaste kosten van €40 000 per maand. De variabele kosten stijgen met €4 per stuk en de prijs blijft gelijk. Hoeveel stuks Q moeten er nu per maand worden verkocht om dezelfde winst te houden?
Antwoordenblad
- 1. p = 17 €
- 2. Q = 4000 stuks
- 3. Q = 1000 stuks
- 4. Q = 800 stuks
- 5. MS = 13,04 %
- 6. Q = 15000 stuks
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.