Een cateraar verwacht 2 500 maaltijden per maand te verkopen. Elke maaltijd heeft variabele kosten van €4 en de vaste kosten zijn €12 500 per maand. Wat is de laagste prijs p per maaltijd waarbij de cateraar quitte speelt?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een winkel heeft vaste kosten van €150 000 per jaar. De variabele kosten zijn 40 % van de omzet. Welke omzet S is per jaar nodig om quitte te spelen?
Een product wordt verkocht voor €24 per stuk met variabele kosten van €4 per stuk. De vaste kosten zijn €80 000 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €20 000?
Een product wordt verkocht voor €10 per stuk met variabele kosten van €4 per stuk. De vaste kosten zijn €7 200 per maand. Hoeveel stuks Q moeten er per maand verkocht worden voor een winst van €6 000?
Een bedrijf verkoopt 6 250 stuks voor €9 per stuk, met variabele kosten van €4 per stuk en vaste kosten van €25 000. Met welk percentage %ΔΠ verandert het bedrijfsresultaat als het afzetvolume met 10 % daalt?
Een bedrijf verkoopt twee producten. Product A wordt verkocht voor €15 met variabele kosten van €12; product B voor €20 met variabele kosten van €10. Ze worden verkocht in een vaste verhouding van 3 stuks A op elke 2 B. De vaste kosten zijn €11 600 per maand. Bereken het totale aantal stuks Q (A en B samen) dat nodig is om quitte te spelen.
Antwoordenblad
- 1. p = 9 €
- 2. S = 250000 €
- 3. Q = 5000 stuks
- 4. Q = 2200 stuks
- 5. %ΔΠ = −50 %
- 6. Q = 2000 stuks
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.