Een cateraar verwacht 2 500 maaltijden per maand te verkopen. Elke maaltijd heeft variabele kosten van €3 en de vaste kosten zijn €20 000 per maand. Wat is de laagste prijs p per maaltijd waarbij de cateraar quitte speelt?
Werkblad Break-evenanalyse met antwoorden
Een bedrijf verkoopt een product voor €30 per stuk. De variabele kosten zijn €20 per stuk en de vaste kosten €12 000 per maand. Hoeveel stuks Q moet het per maand verkopen om quitte te spelen?
Een product wordt verkocht voor €9 met variabele kosten van €4 per stuk. De vaste kosten zijn €10 000 per maand en over de winst wordt 20 % belasting geheven. Hoeveel stuks Q moeten er per maand worden verkocht om €4 000 na belasting te verdienen?
Een bedrijf verkoopt 3 200 stuks voor €11 per stuk. De variabele kosten zijn €6 per stuk en de vaste kosten €10 000. Bereken de operationele hefboom DOL bij dit verkoopniveau.
Een product wordt verkocht voor €28 per stuk, met variabele kosten van €25 per stuk en vaste kosten van €7 500 per jaar. De begrote afzet is 2 880 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Een product wordt verkocht voor €29 per stuk, met variabele kosten van €25 per stuk en vaste kosten van €16 000 per jaar. De begrote afzet is 7 200 stuks. Bereken de veiligheidsmarge MS als percentage van de begrote afzet.
Antwoordenblad
- 1. p = 11 €
- 2. Q = 1200 stuks
- 3. Q = 3000 stuks
- 4. DOL = 2,667
- 5. MS = 13,19 %
- 6. MS = 44,44 %
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.