Hoeveel warmte q is nodig om 300 g water te verwarmen van 22 °C tot 65 °C? De soortelijke warmte van water is 4,18 J/(g·°C). Geef het antwoord in kJ.
Werkblad Calorimetrie en enthalpie met antwoorden
Aan 400 g water (c = 4,18 J/(g·°C)) wordt 12 kJ warmte toegevoerd. Bereken de temperatuurstijging ΔT.
Een blok koper van 250 g (c = 0,385 J/(g·°C)) met een temperatuur van 80 °C wordt in een geïsoleerde beker met 150 g water (c = 4,18 J/(g·°C)) van 17 °C gelegd. Bereken de eindtemperatuur Tf.
Een blok aluminium van 150 g (c = 0,897 J/(g·°C)) met een temperatuur van 130 °C wordt in een geïsoleerde beker met 400 g water (c = 4,18 J/(g·°C)) van 15 °C gelegd. Bereken de eindtemperatuur Tf.
Gebruik de standaardvormingsenthalpieën om de warmte q te berekenen die vrijkomt als 50 g C2H6 (M = 30,07 g/mol) volledig verbrandt: 2C2H6 + 7O₂ → 4CO₂ + 6H₂O(l). Geef q als positief getal.
Gebruik de standaardvormingsenthalpieën om ΔH° te berekenen voor de reactie C2H5OH + 3O₂ → 2CO₂ + 3H₂O(l).
Antwoordenblad
- 1. q = 53,92 kJ
- 2. ΔT = 7,177 °C
- 3. Tf = 25,38 °C
- 4. Tf = 23,57 °C
- 5. q = 2593 kJ
- 6. ΔH° = −1367 kJ
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.