Een auto van 900 kg rijdt met een constante snelheid van 20 m/s door een vlakke bocht met een straal van 120 m. Bereken de benodigde kracht naar binnen (centripetale kracht) Fc.
Werkblad Cirkelbeweging met antwoorden
Een auto van 1000 kg rijdt met een constante snelheid van 9 m/s door een vlakke bocht met een straal van 120 m. Bereken de benodigde kracht naar binnen (centripetale kracht) Fc.
Een klein balletje aan een touwtje met lengte 0,7 m beweegt in een horizontale cirkel, zodat het touwtje een constante hoek van 15° met de verticaal maakt (een kegelslinger). Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de snelheid v van het balletje.
Een klein balletje aan een touwtje met lengte 2 m beweegt in een horizontale cirkel, zodat het touwtje een constante hoek van 20° met de verticaal maakt (een kegelslinger). Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de tijd T voor één omwenteling.
Een bal van 1,7 kg aan een touw van 0,5 m wordt rondgeslingerd in een verticale cirkel. In het laagste punt beweegt hij met 5,5 m/s. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de spankracht T in het touw in het laagste punt.
Een bocht met straal 60 m heeft een verkanting van 30°, en de statische wrijvingscoëfficiënt tussen banden en weg is 0,15. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de hoogste snelheid vmax waarmee een auto de bocht kan nemen zonder naar boven en naar buiten te glijden.
Antwoordenblad
- 1. Fc = 3000 N
- 2. Fc = 675 N
- 3. v = 0,6901 m/s
- 4. T = 2,75 s
- 5. T = 119,5 N
- 6. vmax = 21,65 m/s
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.