Een klein voorwerp ligt op 115 cm van de as van een schijf die met een constante 90 omwentelingen per minuut draait. Vind de snelheid v van het voorwerp.
Werkblad Cirkelbeweging met antwoorden
Een auto van 1600 kg rijdt met een constante snelheid van 25 m/s door een vlakke bocht met een straal van 160 m. Bereken de centripetale versnelling ac.
Een klein balletje aan een touwtje met lengte 1,3 m beweegt in een horizontale cirkel, zodat het touwtje een constante hoek van 60° met de verticaal maakt (een kegelslinger). Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de tijd T voor één omwenteling.
Een auto neemt een vlakke bocht met een straal van 95 m. De statische wrijvingscoëfficiënt tussen banden en weg is 0,6. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de hoogste snelheid vmax waarmee de auto de bocht kan nemen zonder te slippen.
Een bal van 1 kg aan een touw van 1,3 m wordt rondgeslingerd in een verticale cirkel. In het laagste punt beweegt hij met 8 m/s. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de spankracht T in het touw in het laagste punt.
Een bal van 0,2 kg aan een touw van 1,2 m wordt rondgeslingerd in een verticale cirkel. In het laagste punt beweegt hij met 7,5 m/s. Gebruik g = 9,81 m/s². Bereken de spankracht T in het touw in het laagste punt.
Antwoordenblad
- 1. v = 10,84 m/s
- 2. ac = 3,906 m/s²
- 3. T = 1,617 s
- 4. vmax = 23,65 m/s
- 5. T = 59,04 N
- 6. T = 11,34 N
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.