Een klein voorwerp ligt op 55 cm van de as van een schijf die met een constante 90 omwentelingen per minuut draait. Bereken de centripetale versnelling ac.
Werkblad Cirkelbeweging met antwoorden
Een klein voorwerp ligt op 70 cm van de as van een schijf die met een constante 300 omwentelingen per minuut draait. Bereken de centripetale versnelling ac.
Een klein balletje aan een touwtje met lengte 1,1 m beweegt in een horizontale cirkel, zodat het touwtje een constante hoek van 50° met de verticaal maakt (een kegelslinger). Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de snelheid v van het balletje.
In een rotor op de kermis staan de deelnemers tegen de wand van een verticale cilinder met straal 2,5 m. Als die snel genoeg draait, zakt de vloer weg en houdt de wrijving hen omhoog. De statische wrijvingscoëfficiënt is 0,6. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de kleinste hoeksnelheid ω in rad/s.
Een bocht met straal 130 m heeft een verkanting van 8°, en de statische wrijvingscoëfficiënt tussen banden en weg is 0,3. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de hoogste snelheid vmax waarmee een auto de bocht kan nemen zonder naar boven en naar buiten te glijden.
Een bocht met straal 300 m heeft een verkanting van 8°, en de statische wrijvingscoëfficiënt tussen banden en weg is 0,2. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de hoogste snelheid vmax waarmee een auto de bocht kan nemen zonder naar boven en naar buiten te glijden.
Antwoordenblad
- 1. ac = 48,85 m/s²
- 2. ac = 690,9 m/s²
- 3. v = 3,139 m/s
- 4. ω = 2,557 rad/s
- 5. vmax = 24,22 m/s
- 6. vmax = 32,11 m/s
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.