Een auto van 1200 kg rijdt met een constante snelheid van 18 m/s door een vlakke bocht met een straal van 90 m. Bereken de centripetale versnelling ac.
Werkblad Cirkelbeweging met antwoorden
Een klein voorwerp ligt op 130 cm van de as van een schijf die met een constante 200 omwentelingen per minuut draait. Bereken de centripetale versnelling ac.
In een rotor op de kermis staan de deelnemers tegen de wand van een verticale cilinder met straal 2,3 m. Als die snel genoeg draait, zakt de vloer weg en houdt de wrijving hen omhoog. De statische wrijvingscoëfficiënt is 0,5. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de kleinste hoeksnelheid ω in rad/s.
In een rotor op de kermis staan de deelnemers tegen de wand van een verticale cilinder met straal 2,2 m. Als die snel genoeg draait, zakt de vloer weg en houdt de wrijving hen omhoog. De statische wrijvingscoëfficiënt is 0,8. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind het kleinste toerental n in omwentelingen per minuut.
Een karretje van 4 kg wordt vanuit rust losgelaten op een hoogte van 33,6 m op een wrijvingsloze baan en rijdt door een verticale looping met straal 7 m. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de normaalkracht Ntop van de baan op het karretje bovenaan de looping.
Een karretje van 3 kg wordt vanuit rust losgelaten op een hoogte van 17,55 m op een wrijvingsloze baan en rijdt door een verticale looping met straal 4,5 m. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de normaalkracht Nbottom van de baan op het karretje onderaan de looping.
Antwoordenblad
- 1. ac = 3,6 m/s²
- 2. ac = 570,2 m/s²
- 3. ω = 2,921 rad/s
- 4. n = 22,54 rpm
- 5. Ntop = 180,5 N
- 6. Nbottom = 259 N
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.