Een auto van 1300 kg rijdt met een constante snelheid van 21 m/s door een vlakke bocht met een straal van 30 m. Bereken de benodigde kracht naar binnen (centripetale kracht) Fc.
Werkblad Cirkelbeweging met antwoorden
Een auto van 1200 kg rijdt met een constante snelheid van 14 m/s door een vlakke bocht met een straal van 50 m. Bereken de benodigde kracht naar binnen (centripetale kracht) Fc.
In een rotor op de kermis staan de deelnemers tegen de wand van een verticale cilinder met straal 2,6 m. Als die snel genoeg draait, zakt de vloer weg en houdt de wrijving hen omhoog. De statische wrijvingscoëfficiënt is 0,3. Gebruik g = 9,81 m/s². Vind de kleinste hoeksnelheid ω in rad/s.
Een auto rijdt over de top van een bult in de weg, die een cirkelboog is met straal 35 m. Gebruik g = 9,81 m/s². Boven welke snelheid vmax komen de wielen bovenaan los van de weg?
Een bal aan een touw van 1,3 m wordt rondgeslingerd in een verticale cirkel. Gebruik g = 9,81 m/s². Wat is de kleinste snelheid vmin in het hoogste punt waarbij het touw nog net strak blijft?
Een bal aan een touw van 1,2 m wordt rondgeslingerd in een verticale cirkel. Gebruik g = 9,81 m/s². Wat is de kleinste snelheid vmin in het hoogste punt waarbij het touw nog net strak blijft?
Antwoordenblad
- 1. Fc = 19110 N
- 2. Fc = 4704 N
- 3. ω = 3,546 rad/s
- 4. vmax = 18,53 m/s
- 5. vmin = 3,571 m/s
- 6. vmin = 3,431 m/s
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.