Werkblad Klinische beoordelingsscores met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Klinische beoordelingsscores: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
E? / 4+V? / 5+M? / 6GCS?

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt na hoofdletsel opent de ogen helemaal niet, maakt alleen onverstaanbare geluiden zoals kreunen en vertoont als beste motorische reactie: strekken van de armen en benen (abnormale extensie). Bepaal het totaal van de Glasgow Coma Scale GCS = E + V + M.

E 1–4V 1–5M 1–6
GCS =
2.Makkelijk
76 kg160 cmBMI = kg/m²BMI = ?

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een volwassene weegt 76 kg en is 160 cm lang. Bepaal de body mass index BMI = gewicht (kg)/lengte (m)². Rond af op één decimaal.

76 kg160 cm
BMI = kg/m²
3.Gemiddeld
E4 / 4+V5 / 5+M? / 6GCS 14?

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenkaart registreert GCS 14, met E4 en V5. Welke motorische score M is genoteerd en welke reactie beschrijft die? Geef het getal.

GCS 14E4V5
M =
4.Gemiddeld
S? / 4+M? / 4+A? / 4+Mob? / 4+N? / 4+F? / 3Σ?

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Bradenschaal: sensorische waarneming: geen beperking; vochtigheid: voortdurend vochtig; activiteit: stoelgebonden; mobiliteit: geen beperking; voeding: voldoende; wrijving en schuifkrachten: mogelijk probleem. Bepaal het totaal van de Bradenschaal B.

6–23
B =
5.Moeilijk
laag risicomatig risicohoog risico

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Morse Fall Scale: eerdere val in de afgelopen 3 maanden: ja; secundaire diagnose: nee; loophulpmiddel: houdt zich vast aan meubels; IV-therapie of zoutslot: ja; looppatroon: normaal, bedrust of rolstoel; mentale toestand: kent eigen grenzen. Gebruik de afkappunten 0–24 laag, 25–44 matig en 45 of meer hoog en klik op het niveau van het valrisico.

  1. 1laag risico
  2. 2matig risico
  3. 3hoog risico
6.Moeilijk
109?SBPDBPmmHgMAP = 65

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Het team streeft naar een gemiddelde arteriële druk van minstens 65 mmHg. De systolische druk van een patiënt is 109 mmHg. Wat is met MAP = (SBP + 2·DBP)/3 de laagste diastolische druk DBP die nog een MAP van 65 mmHg geeft?

MAP 65 mmHgSBP 109 mmHg
DBP = mmHg

Antwoordenblad

  1. 1. GCS = 5
  2. 2. BMI = 29,7 kg/m²
  3. 3. M = 5
  4. 4. B = 16
  5. 5. hoog risico
  6. 6. DBP = 43 mmHg

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.