Werkblad Klinische beoordelingsscores met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Klinische beoordelingsscores: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
92 kg173 cmBMI = kg/m²BMI = ?

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een volwassene weegt 92 kg en is 173 cm lang. Bepaal de body mass index BMI = gewicht (kg)/lengte (m)². Rond af op één decimaal.

92 kg173 cm
BMI = kg/m²
2.Makkelijk
A? / 2+P? / 2+G? / 2+A? / 2+R? / 2Σ?

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). 5 minuten na de geboorte heeft een oefenpasgeborene een roze lichaam met blauwe handen en voeten, een hartfrequentie van 145/min, huilen, hoesten of niezen bij prikkeling, enige flexie van de armen en benen en goede ademhaling met krachtig huilen. Wat is de Apgarscore?

5 minHR 145/min
APGAR =
3.Gemiddeld
S? / 4+M? / 4+A? / 4+Mob? / 4+N? / 4+F? / 3Σ?

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Bradenschaal: sensorische waarneming: zeer beperkt; vochtigheid: zeer vochtig; activiteit: stoelgebonden; mobiliteit: licht beperkt; voeding: waarschijnlijk onvoldoende; wrijving en schuifkrachten: mogelijk probleem. Bepaal het totaal van de Bradenschaal B.

6–23
B =
4.Gemiddeld
H? / 25+D? / 15+Aid? / 30+IV? / 20+G? / 20+MS? / 15Σ?

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Morse Fall Scale: eerdere val in de afgelopen 3 maanden: ja; secundaire diagnose: nee; loophulpmiddel: houdt zich vast aan meubels; IV-therapie of zoutslot: nee; looppatroon: zwak; mentale toestand: overschat of vergeet grenzen. Bepaal het Morse-totaal MFS.

0–125
MFS =
5.Moeilijk
geen risicolicht risicomatig risicohoog risicozeer hoog risico

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Bradenschaal: sensorische waarneming: geen beperking; vochtigheid: zelden vochtig; activiteit: loopt regelmatig; mobiliteit: licht beperkt; voeding: uitstekend; wrijving en schuifkrachten: mogelijk probleem. Gebruik de indeling 19–23 geen risico, 15–18 licht, 13–14 matig, 10–12 hoog en 9 of lager zeer hoog. Klik op het risiconiveau.

  1. 1geen risico
  2. 2licht risico
  3. 3matig risico
  4. 4hoog risico
  5. 5zeer hoog risico
6.Moeilijk
99?SBPDBPmmHgMAP = 65

Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Het team streeft naar een gemiddelde arteriële druk van minstens 65 mmHg. De systolische druk van een patiënt is 99 mmHg. Wat is met MAP = (SBP + 2·DBP)/3 de laagste diastolische druk DBP die nog een MAP van 65 mmHg geeft?

MAP 65 mmHgSBP 99 mmHg
DBP = mmHg

Antwoordenblad

  1. 1. BMI = 30,7 kg/m²
  2. 2. APGAR = 8
  3. 3. B = 13
  4. 4. MFS = 80
  5. 5. geen risico
  6. 6. DBP = 48 mmHg

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.