Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt na hoofdletsel opent de ogen als er tegen wordt gesproken, zegt ongepaste, willekeurige woorden en vertoont als beste motorische reactie: trekt het lidmaat terug bij druk (normale flexie). Bepaal het totaal van de Glasgow Coma Scale GCS = E + V + M.
Werkblad Klinische beoordelingsscores met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt na hoofdletsel opent de ogen spontaan, praat in zinnen maar is verward en vertoont als beste motorische reactie: brengt een hand naar de plaats van de druk (lokaliseert). Bepaal het totaal van de Glasgow Coma Scale GCS = E + V + M.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Bradenschaal: sensorische waarneming: volledig beperkt; vochtigheid: zelden vochtig; activiteit: stoelgebonden; mobiliteit: licht beperkt; voeding: uitstekend; wrijving en schuifkrachten: mogelijk probleem. Bepaal het totaal van de Bradenschaal B.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Morse Fall Scale: eerdere val in de afgelopen 3 maanden: ja; secundaire diagnose: nee; loophulpmiddel: krukken, wandelstok of rollator; IV-therapie of zoutslot: ja; looppatroon: zwak; mentale toestand: overschat of vergeet grenzen. Bepaal het Morse-totaal MFS.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Gebruik de NEWS2-kaart (SpO₂-schaal 1) voor deze waarnemingen: ademfrequentie 12/min, SpO₂ 96% op kamerlucht, bloeddruk 130/78 mmHg, hartslag 58/min, alert, temperatuur 36,4 °C. In welke klinische risicogroep valt de patiënt? Klik erop.
- 1laag
- 2laag-matig
- 3middel
- 4hoog
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Morse Fall Scale: eerdere val in de afgelopen 3 maanden: nee; secundaire diagnose: nee; loophulpmiddel: houdt zich vast aan meubels; IV-therapie of zoutslot: nee; looppatroon: normaal, bedrust of rolstoel; mentale toestand: kent eigen grenzen. Gebruik de afkappunten 0–24 laag, 25–44 matig en 45 of meer hoog en klik op het niveau van het valrisico.
- 1laag risico
- 2matig risico
- 3hoog risico
Antwoordenblad
- 1. GCS = 10
- 2. GCS = 13
- 3. B = 16
- 4. MFS = 85
- 5. laag
- 6. matig risico
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.