Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). 1 minuut na de geboorte heeft een oefenpasgeborene overal roze huid, een hartfrequentie van 130/min, huilen, hoesten of niezen bij prikkeling, actieve bewegingen en goede ademhaling met krachtig huilen. Wat is de Apgarscore?
Werkblad Klinische beoordelingsscores met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). De bloeddruk van een patiënt is 95/60 mmHg. Bepaal de gemiddelde arteriële druk MAP = (SBP + 2·DBP)/3, op de dichtstbijzijnde hele mmHg.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Bradenschaal: sensorische waarneming: volledig beperkt; vochtigheid: af en toe vochtig; activiteit: loopt regelmatig; mobiliteit: licht beperkt; voeding: zeer slecht; wrijving en schuifkrachten: probleem. Bepaal het totaal van de Bradenschaal B.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Morse Fall Scale: eerdere val in de afgelopen 3 maanden: ja; secundaire diagnose: ja; loophulpmiddel: geen, bedrust of verpleegkundige helpt; IV-therapie of zoutslot: ja; looppatroon: zwak; mentale toestand: kent eigen grenzen. Bepaal het Morse-totaal MFS.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Het team streeft naar een gemiddelde arteriële druk van minstens 65 mmHg. De systolische druk van een patiënt is 85 mmHg. Wat is met MAP = (SBP + 2·DBP)/3 de laagste diastolische druk DBP die nog een MAP van 65 mmHg geeft?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Gebruik de NEWS2-kaart (SpO₂-schaal 1) voor deze waarnemingen: ademfrequentie 14/min, SpO₂ 88% op kamerlucht, bloeddruk 112/68 mmHg, hartslag 104/min, alert, temperatuur 37,3 °C. In welke klinische risicogroep valt de patiënt? Klik erop.
- 1laag
- 2laag-matig
- 3middel
- 4hoog
Antwoordenblad
- 1. APGAR = 10
- 2. MAP = 72 mmHg
- 3. B = 13
- 4. MFS = 70
- 5. DBP = 55 mmHg
- 6. laag-matig
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.