Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). 5 minuten na de geboorte heeft een oefenpasgeborene een roze lichaam met blauwe handen en voeten, een hartfrequentie van 80/min, geen reactie op prikkels, enige flexie van de armen en benen en geen ademhaling. Wat is de Apgarscore?
Werkblad Klinische beoordelingsscores met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). De bloeddruk van een patiënt is 107/46 mmHg. Bepaal de polsdruk PP.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Bradenschaal: sensorische waarneming: geen beperking; vochtigheid: zelden vochtig; activiteit: loopt regelmatig; mobiliteit: zeer beperkt; voeding: waarschijnlijk onvoldoende; wrijving en schuifkrachten: probleem. Bepaal het totaal van de Bradenschaal B.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Bradenschaal: sensorische waarneming: volledig beperkt; vochtigheid: af en toe vochtig; activiteit: loopt af en toe; mobiliteit: volledig immobiel; voeding: uitstekend; wrijving en schuifkrachten: mogelijk probleem. Bepaal het totaal van de Bradenschaal B.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Het team streeft naar een gemiddelde arteriële druk van minstens 65 mmHg. De systolische druk van een patiënt is 103 mmHg. Wat is met MAP = (SBP + 2·DBP)/3 de laagste diastolische druk DBP die nog een MAP van 65 mmHg geeft?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Gebruik de NEWS2-kaart (SpO₂-schaal 1) voor deze waarnemingen: ademfrequentie 16/min, SpO₂ 96% op kamerlucht, bloeddruk 136/82 mmHg, hartslag 64/min, reageert alleen op aanspreken, temperatuur 37,4 °C. In welke klinische risicogroep valt de patiënt? Klik erop.
- 1laag
- 2laag-matig
- 3middel
- 4hoog
Antwoordenblad
- 1. APGAR = 3
- 2. PP = 61 mmHg
- 3. B = 17
- 4. B = 14
- 5. DBP = 46 mmHg
- 6. laag-matig
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.