Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). 5 minuten na de geboorte heeft een oefenpasgeborene een roze lichaam met blauwe handen en voeten, een hartfrequentie van 120/min, een grimas bij prikkeling, actieve bewegingen en goede ademhaling met krachtig huilen. Wat is de Apgarscore?
Werkblad Klinische beoordelingsscores met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). 5 minuten na de geboorte heeft een oefenpasgeborene een roze lichaam met blauwe handen en voeten, een hartfrequentie van 155/min, een grimas bij prikkeling, actieve bewegingen en goede ademhaling met krachtig huilen. Wat is de Apgarscore?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Morse Fall Scale: eerdere val in de afgelopen 3 maanden: nee; secundaire diagnose: ja; loophulpmiddel: houdt zich vast aan meubels; IV-therapie of zoutslot: nee; looppatroon: zwak; mentale toestand: kent eigen grenzen. Bepaal het Morse-totaal MFS.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Bradenschaal: sensorische waarneming: zeer beperkt; vochtigheid: af en toe vochtig; activiteit: stoelgebonden; mobiliteit: zeer beperkt; voeding: waarschijnlijk onvoldoende; wrijving en schuifkrachten: mogelijk probleem. Bepaal het totaal van de Bradenschaal B.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een oefenpatiënt wordt beoordeeld met de Morse Fall Scale: eerdere val in de afgelopen 3 maanden: ja; secundaire diagnose: nee; loophulpmiddel: geen, bedrust of verpleegkundige helpt; IV-therapie of zoutslot: nee; looppatroon: zwak; mentale toestand: kent eigen grenzen. Gebruik de afkappunten 0–24 laag, 25–44 matig en 45 of meer hoog en klik op het niveau van het valrisico.
- 1laag risico
- 2matig risico
- 3hoog risico
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Gebruik de NEWS2-kaart (SpO₂-schaal 1) voor deze waarnemingen: ademfrequentie 14/min, SpO₂ 97% met extra zuurstof, bloeddruk 136/82 mmHg, hartslag 130/min, alert, temperatuur 36,7 °C. In welke klinische risicogroep valt de patiënt? Klik erop.
- 1laag
- 2laag-matig
- 3middel
- 4hoog
Antwoordenblad
- 1. APGAR = 8
- 2. APGAR = 8
- 3. MFS = 55
- 4. B = 13
- 5. matig risico
- 6. laag
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.