Een gelijkstroommotor met k = 1,5 V·s/rad en een ankerweerstand van 2 Ω draait op 240 V en neemt 4 A op. Bepaal zijn toerental n in rpm.
Werkblad Gelijkstroommotoren met antwoorden
Een gelijkstroommotor draait met 3000 rpm, en zijn tegen-EMK bij dat toerental is 110 V. Bepaal de motorconstante k in V·s/rad.
Een gelijkstroommotor neemt 6 A op uit een voeding van 240 V. Zijn ankerweerstand is 2 Ω en zijn rotatieverliezen (wrijving, luchtweerstand en ijzer) zijn 68 W. Bepaal zijn rendement η.
Een gelijkstroommotor met k = 0,2 N·m/A en Ra = 0,4 Ω is aangesloten op 24 V. Bepaal zijn blokkeerkoppel Tstall, het koppel bij toerental nul.
Een separaat bekrachtigde gelijkstroommotor op 220 V (Ra = 1,5 Ω) draait met 1800 rpm bij een ankerstroom van 15 A. De belasting verandert en de stroom wordt 22,5 A, terwijl het veld gelijk blijft. Bepaal het nieuwe toerental n2.
Een gelijkstroommotor met k = 0,2 V·s/rad en Ra = 1,2 Ω moet een last van 0,4 N·m aandrijven bij 300 rpm. Bepaal de ankerspanning V die hij nodig heeft.
Antwoordenblad
- 1. n = 1477 rpm
- 2. k = 0,3501 V·s/rad
- 3. η = 90,28 %
- 4. Tstall = 12 N·m
- 5. n2 = 1697 rpm
- 6. V = 8,683 V
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.