Een gelijkstroommotor met k = 0,6 V·s/rad en een ankerweerstand van 2 Ω draait op 110 V en neemt 2 A op. Bepaal zijn toerental n in rpm.
Werkblad Gelijkstroommotoren met antwoorden
Een gelijkstroommotor met een ankerweerstand van 0,2 Ω wordt direct op een voeding van 120 V geschakeld. Zijn normale stroom bij vollast is 40 A. Bepaal de ankerstroom Istart op het moment van starten.
Een gelijkstroommotor (k = 1,2 V·s/rad, Ra = 1,5 Ω) draait op 110 V. Bij vollast neemt hij 8 A op. Bepaal zijn toerentalregeling SR = (n₀ − nFL)/nFL in procent, als je de nullaststroom verwaarloost.
Een gelijkstroommotor met k = 2 V·s/rad draait op 240 V. Bepaal zijn onbelaste toerental n0 in rpm, als je alle verliezen bij nullast verwaarloost.
Een gelijkstroomchopper voedt een motor (k = 0,6 V·s/rad, Ra = 0,8 Ω) uit een gelijkspanningsbus van 220 V. De gemiddelde ankerspanning is D·220 V. Bepaal de duty cycle D waarmee de motor draait op 600 rpm bij een last van 3,6 N·m.
Een kleine gelijkstroommotor heeft een ankerweerstand van 1 Ω en draait op 120 V. Bepaal het grootste mechanische vermogen Pmax dat hij bij enig toerental kan ontwikkelen, als je rotatieverliezen verwaarloost.
Antwoordenblad
- 1. n = 1687 rpm
- 2. Istart = 600 A
- 3. SR = 12,24 %
- 4. n0 = 1146 rpm
- 5. D = 19,32 %
- 6. Pmax = 3600 W
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.