Een gelijkstroommotor op een voeding van 220 V heeft een ankerweerstand van 0,4 Ω. Bij het huidige toerental is de tegen-EMK 210 V. Bepaal de ankerstroom Ia.
Werkblad Gelijkstroommotoren met antwoorden
Een gelijkstroommotor op een voeding van 220 V heeft een ankerweerstand van 1,2 Ω. Bij het huidige toerental is de tegen-EMK 202 V. Bepaal de ankerstroom Ia.
Een gelijkstroommotor (k = 1 V·s/rad, Ra = 1,2 Ω) draait op 220 V. Bij vollast neemt hij 10 A op. Bepaal zijn toerentalregeling SR = (n₀ − nFL)/nFL in procent, als je de nullaststroom verwaarloost.
Een gelijkstroommotor met k = 1,2 N·m/A en Ra = 0,25 Ω is aangesloten op 110 V. Bepaal zijn blokkeerkoppel Tstall, het koppel bij toerental nul.
Een separaat bekrachtigde gelijkstroommotor op 240 V (Ra = 0,5 Ω) draait met 1000 rpm bij een ankerstroom van 30 A. De belasting verandert en de stroom wordt 18 A, terwijl het veld gelijk blijft. Bepaal het nieuwe toerental n2.
Een gelijkstroommotor van 110 V heeft een ankerweerstand van 1,2 Ω. Bepaal de serie-aanloopweerstand Rst die de aanloopstroom beperkt tot 10 A.
Antwoordenblad
- 1. Ia = 25 A
- 2. Ia = 15 A
- 3. SR = 5,769 %
- 4. Tstall = 528 N·m
- 5. n2 = 1027 rpm
- 6. Rst = 9,8 Ω
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.