Een gelijkstroommotor draait op een voeding van 110 V en neemt een ankerstroom van 30 A op. De ankerweerstand is 0,25 Ω. Bepaal de tegen-EMK E.
Werkblad Gelijkstroommotoren met antwoorden
Een gelijkstroommotor met permanente magneten heeft de koppelconstante k = 0,1 N·m/A. Bepaal het koppel T dat hij ontwikkelt bij een ankerstroom van 5 A.
Een gelijkstroommotor neemt 12 A op uit een voeding van 220 V. Zijn ankerweerstand is 1 Ω en zijn rotatieverliezen (wrijving, luchtweerstand en ijzer) zijn 150 W. Bepaal zijn rendement η.
Een gelijkstroommotor neemt 10 A op uit een voeding van 24 V. Zijn ankerweerstand is 0,2 Ω en zijn rotatieverliezen (wrijving, luchtweerstand en ijzer) zijn 9 W. Bepaal zijn rendement η.
Een gelijkstroommotor met k = 1,2 V·s/rad en Ra = 1,2 Ω moet een last van 6 N·m aandrijven bij 400 rpm. Bepaal de ankerspanning V die hij nodig heeft.
Een gelijkstroommotor (k = 0,75 V·s/rad, Ra = 1,5 Ω) op een vaste voeding van 120 V drijft een last van 3 N·m aan. Bepaal de serieweerstand Rs die hem vertraagt tot 300 rpm.
Antwoordenblad
- 1. E = 102,5 V
- 2. T = 0,5 N·m
- 3. η = 88,86 %
- 4. η = 87,92 %
- 5. V = 56,27 V
- 6. Rs = 22,61 Ω
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.