Een zenerdiode van 3,3 V wordt gevoed uit 18 V via een weerstand van 100 Ω, zonder aangesloten belasting. Bepaal de stroom IR in de weerstand.
Werkblad Diodes en transistoren met antwoorden
Een gelijkspanningsbron van 15 V is via weerstand R₁ = 470 Ω aangesloten op knooppunt X. Van knooppunt X naar de minpool van de bron lopen twee parallelle paden: weerstand R₂ = 2,2 kΩ, en een siliciumdiode met de anode aan X. Gebruik het model met constante spanningsval van 0,7 V. Vind de diodestroom ID in mA.
Een zenerstabilisator van 5,1 V wordt gevoed uit 20 V via 330 Ω en voedt een belasting van 680 Ω. Bepaal de zenerstroom IZ.
Een NPN-transistor met β = 80 wordt ingesteld met een basisweerstand RB = 470 kΩ vanaf de voeding VCC = 12 V. De collectorweerstand is RC = 2,7 kΩ en de emitter ligt aan massa. Neem VBE = 0,7 V en neem aan dat de transistor in het actieve gebied werkt. Vind de collectorstroom IC in mA.
Een NPN-transistor met β = 150 schakelt een belastingsweerstand van 150 Ω, aangesloten tussen VCC = 9 V en de collector. De emitter ligt aan massa. De basis wordt aangestuurd vanuit een logische uitgang van 3,3 V via een basisweerstand RB. Neem VBE = 0,7 V en VCE(sat) = 0,2 V. Vind de grootste basisweerstand RB, in kΩ, die de transistor nog net in verzadiging stuurt.
Een zenerstabilisator van 5,6 V moet tot 25 mA aan een belasting leveren. De ingangsspanning kan dalen tot 20 V, en de zenerdiode heeft minstens 1 mA nodig om te stabiliseren. Bepaal de grootste serieweerstand Rmax waarbij hij blijft stabiliseren.
Antwoordenblad
- 1. IR = 147 mA
- 2. ID = 30,11 mA
- 3. IZ = 37,65 mA
- 4. IC = 1,923 mA
- 5. RB = 6,648 kΩ
- 6. Rmax = 553,8 Ω
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.