Werkblad Diodes en transistoren met antwoorden

Gratis printbaar werkblad Diodes en transistoren: 6 opgaven van makkelijk tot tentamenniveau, met antwoordenblad. Print het of sla het op als pdf.

Nieuw werkbladOnline oefenen met hints

Voor docenten: gratis te printen, kopiëren en in de les te gebruiken. Elk nieuw werkblad heeft nieuwe waarden en een eigen antwoordblad. Een link naar ExamProblems op je cursuspagina wordt gewaardeerd.

Naam: ____________________   Datum: ____________

1.Makkelijk
+−12 VR = ?3,2 V5 mA

Een blauw led met een doorlaatspanning van 3,2 V werkt op een voeding van 12 V via een serieweerstand. Bepaal de weerstand R die de ledstroom op 5 mA instelt.

Vs = 12 VVF = 3,2 VI = 5 mA
R = Ω
2.Makkelijk
+−12 VR = ?2,1 V10 mA

Een geel led met een doorlaatspanning van 2,1 V werkt op een voeding van 12 V via een serieweerstand. Bepaal de weerstand R die de ledstroom op 10 mA instelt.

Vs = 12 VVF = 2,1 VI = 10 mA
R = Ω
3.Gemiddeld
RC​ = 3,3 kΩβ = 120VCC​ = 10 VRB​ = 680 kΩ

Een NPN-transistor met β = 120 wordt ingesteld met een basisweerstand RB = 680 kΩ vanaf de voeding VCC = 10 V. De collectorweerstand is RC = 3,3 kΩ en de emitter ligt aan massa. Neem VBE = 0,7 V en neem aan dat de transistor in het actieve gebied werkt. Vind de collector-emitterspanning VCE.

VCC = 10 VRB = 680 kΩRC = 3,3 kΩβ = 120VBE = 0,7 V
VCE = V
4.Gemiddeld
RC​ = 1,5 kΩβ = 200RE​ = 680 ΩVCC​ = 18 VR1​ = 33 kΩR2​ = 12 kΩ

Een NPN-transistor met β = 200 wordt ingesteld met een spanningsdeler vanaf VCC = 18 V: R₁ = 33 kΩ van VCC naar de basis en R₂ = 12 kΩ van de basis naar massa. De collectorweerstand is RC = 1,5 kΩ en de emitterweerstand is RE = 680 Ω. Neem VBE = 0,7 V en gebruik het Thévenin-equivalent van de deler (verwaarloos de basisstroom niet). Vind de collector-emitterspanning VCE.

VCC = 18 VR1 = 33 kΩR2 = 12 kΩRC = 1,5 kΩRE = 680 Ωβ = 200
VCE = V
5.Moeilijk
RC​ = 100 Ωβ = 80IC​ = ?VCC​ = 5 V3,3 VRB​ = 220 kΩ

Een NPN-transistor met β = 80 schakelt een belastingsweerstand van 100 Ω, aangesloten tussen VCC = 5 V en de collector. De emitter ligt aan massa. De basis wordt aangestuurd vanuit een logische uitgang van 3,3 V via een basisweerstand RB = 220 kΩ. Neem VBE = 0,7 V en VCE(sat) = 0,2 V. Vind de collectorstroom IC in mA als de ingang hoog is. Bepaal eerst of de transistor verzadigd is.

VCC = 5 VRC = 100 Ωβ = 80Vin = 3,3 VVBE = 0,7 VVCE(sat) = 0,2 VRB = 220 kΩ
IC = mA
6.Moeilijk
+−≥ 15 VR = ?6,2 V≤ 20 mA

Een zenerstabilisator van 6,2 V moet tot 20 mA aan een belasting leveren. De ingangsspanning kan dalen tot 15 V, en de zenerdiode heeft minstens 1 mA nodig om te stabiliseren. Bepaal de grootste serieweerstand Rmax waarbij hij blijft stabiliseren.

Vin,min = 15 VVZ = 6,2 VIL,max = 20 mAIZ,min = 1 mA
Rmax = Ω

Antwoordenblad

  1. 1. R = 1760 Ω
  2. 2. R = 990 Ω
  3. 3. VCE = 4,584 V
  4. 4. VCE = 5,693 V
  5. 5. IC = 0,9455 mA
  6. 6. Rmax = 419 Ω

Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.