Het voorschrift is 300 mg. De voorraadoplossing bevat 500 mg in 10 mL. Welk volume V trek je op?
Werkblad Dosisberekeningen met antwoorden
1.Makkelijk
300 mg500 mg/10 mL
V = mL
2.Makkelijk
Het voorschrift is 0,15 mg van een geneesmiddel. De tabletten bevatten elk 50 microgram (mcg). Hoeveel tabletten n geef je?
0,15 mg50 mcg/tablet
n = tabletten
3.Gemiddeld
Een kind van 8 kg krijgt 15 mg/kg van een geneesmiddel voorgeschreven. De voorraadoplossing bevat 50 mg/mL. Trek de dosis op: welk volume V geef je?
8 kg15 mg/kg50 mg/mL
V = mL
4.Gemiddeld
Een patiënt weegt 18 kg en krijgt 5 mg/kg als eenmalige dosis voorgeschreven. Bereken de dosis D in mg.
18 kg5 mg/kg
D = mg
5.Moeilijk
Het voorschrift is 4700 eenheden van een geneesmiddel dat geleverd wordt als 5000 eenheden/mL. Trek de dosis op in de spuit van 1 mL: welk volume V geef je?
4700 units5000 units/mL
V = mL
6.Moeilijk
Het voorschrift is 0,2 mg. De ampul bevat 1000 microgram per mL. Trek de dosis op in de spuit van 1 mL: welk volume V geef je?
0,2 mg1000 mcg/mL
V = mL
Antwoordenblad
- 1. V = 6 mL
- 2. n = 3 tabletten
- 3. V = 2,4 mL
- 4. D = 90 mg
- 5. V = 0,94 mL
- 6. V = 0,2 mL
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.