Het voorschrift is 97,5 mg. De voorraadoplossing bevat 25 mg in 1 mL. Trek de dosis op in de spuit: welk volume V geef je?
Werkblad Dosisberekeningen met antwoorden
1.Makkelijk
97,5 mg25 mg/1 mL
V = mL
2.Makkelijk
Het voorschrift is 0,125 mg van een geneesmiddel. De tabletten bevatten elk 125 microgram (mcg). Hoeveel tabletten n geef je?
0,125 mg125 mcg/tablet
n = tabletten
3.Gemiddeld
Een patiënt weegt 30 kg en krijgt 30 mg/kg als eenmalige dosis voorgeschreven. Bereken de dosis D in mg.
30 kg30 mg/kg
D = mg
4.Gemiddeld
Een patiënt van 28 kg heeft een lichaamsoppervlak van 0,96 m². Het voorschrift is 50 mg/m². Bereken de dosis D in mg.
28 kgBSA = 0,96 m²50 mg/m²
D = mg
5.Moeilijk
Je moet 250 mL van een 2% (w/v) oplossing maken uit een 10% (w/v) voorraadoplossing. Welk volume voorraadoplossing V₁ heb je nodig?
C₁ = 10%C₂ = 2%V₂ = 250 mL
V₁ = mL
6.Moeilijk
Een kind van 16 kg krijgt 5 mg/kg per dosis voorgeschreven van een orale suspensie met 200 mg in 5 mL. Welk volume V geef je?
16 kg5 mg/kg200 mg/5 mL
V = mL
Antwoordenblad
- 1. V = 3,9 mL
- 2. n = 1 tabletten
- 3. D = 900 mg
- 4. D = 48 mg
- 5. V₁ = 50 mL
- 6. V = 2 mL
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.