Het voorschrift is 0,75 g van een geneesmiddel intraveneus. De gereconstitueerde flacon bevat 125 mg per mL. Welk volume V trek je op?
Werkblad Dosisberekeningen met antwoorden
Een patiënt krijgt 100 mg van een geneesmiddel voorgeschreven. De tabletten op de afdeling bevatten elk 100 mg. Hoeveel tabletten n geef je?
Een kind van 10 kg krijgt 15 mg/kg van een geneesmiddel voorgeschreven. De voorraadoplossing bevat 25 mg/mL. Trek de dosis op: welk volume V geef je?
Een kind van 11 kg krijgt 10 mg/kg van een geneesmiddel voorgeschreven. De voorraadoplossing bevat 50 mg/mL. Trek de dosis op: welk volume V geef je?
Je moet 500 mL van een 2,5% (w/v) oplossing maken uit een 50% (w/v) voorraadoplossing. Welk volume voorraadoplossing V₁ heb je nodig?
Het voorschrift is 1,82 mg. De ampul bevat 2000 microgram per mL. Trek de dosis op in de spuit van 1 mL: welk volume V geef je?
Antwoordenblad
- 1. V = 6 mL
- 2. n = 1 tabletten
- 3. V = 6 mL
- 4. V = 2,2 mL
- 5. V₁ = 25 mL
- 6. V = 0,91 mL
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.