Deze strip van 6 seconden in afleiding II is onregelmatig, dus de 300- en 1500-methode werken niet. Gebruik de 6-secondenmethode om de gevraagde waarde (hartfrequentie) in slagen per minuut te schatten voor de ventrikels.
Werkblad Interpretatie van ECG-ritmestrips met antwoorden
Kijk naar de R–R-intervallen op deze strip in afleiding II. Hoe zou je het ventriculaire ritme beschrijven? Klik op je antwoord.
- 1regelmatig
- 2regelmatig onregelmatig
- 3volledig onregelmatig
Meet het QT-interval en het R–R-interval op deze regelmatige strip in afleiding II en bereken daarna de voor de frequentie gecorrigeerde waarde (QTc) met de formule van Bazett QTc = QT/√RR (beide in seconden). Geef het antwoord in seconden met drie decimalen.
Interpreteer deze ritmestrip in afleiding II. Welk ritme is het? Klik op je antwoord.
- 1boezemfibrilleren
- 2junctioneel ritme
- 3boezemflutter, 4:1-geleiding
- 4sinusritme met PVC’s
Deze strip in afleiding II toont een AV-blok, dus de boezems en de kamers slaan met verschillende frequenties. Meet het P–P-interval en bepaal de gevraagde waarde (atriale frequentie) in slagen per minuut (1500-methode, geheel getal).
Een patiënt zonder voelbare pols heeft dit georganiseerde ritme op de monitor (pulseloze elektrische activiteit). Welke behandeling noemen de reanimatierichtlijnen voor volwassenen hiervoor? Klik op je antwoord.
- 1reanimatie (niet-defibrilleerbaar ritme)
- 2gesynchroniseerde cardioversie
- 3onmiddellijke defibrillatie
- 4transcutane pacing
Antwoordenblad
- 1. hartfrequentie = 80 bpm
- 2. volledig onregelmatig
- 3. QTc = 0,443 s
- 4. boezemfibrilleren
- 5. atriale frequentie = 100 bpm
- 6. reanimatie (niet-defibrilleerbaar ritme)
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.