Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt 2000 mL voeding per dag voorgeschreven, gegeven als 5 gelijke bolusvoedingen. Welk volume V wordt per bolus gegeven? Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Werkblad Berekeningen bij enterale en parenterale voeding met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt 1500 mL sondevoeding per dag voorgeschreven, via een pomp over 20 uur. Op welke snelheid R stel je de pomp in, in mL/h? Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een volwassene van 51 kg (BMI onder 30) heeft 30 kcal/kg/dag nodig. De sondevoeding levert 1,5 kcal/mL en loopt 24 uur per dag via een pomp. Op welke snelheid R stel je de pomp in, in mL/h? Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 64 kg heeft 1,3 g eiwit per kg per dag nodig. De sondevoeding bevat 63 g eiwit per liter en loopt met 40 mL/h gedurende 16 uur per dag. Hoeveel gram extra eiwit ΔP per dag is nog nodig? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt gedurende 24 uur 2400 mL parenterale voeding met eindconcentraties van 15% dextrose en 3,5% aminozuren, plus 500 mL 10% lipide-emulsie (1,1 kcal/mL). Bepaal de niet-eiwitenergie NPC in kcal per dag. Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een volwassene van 63 kg krijgt 2000 mL parenterale voeding met 17,5% dextrose, toegediend over 24 uur. Bepaal de glucose-infusiesnelheid GIR in mg/kg/min. Rond af op twee decimalen.
Antwoordenblad
- 1. V = 400 mL
- 2. R = 75 mL/h
- 3. R = 43 mL/h
- 4. ΔP = 42,9 g/dag
- 5. NPC = 1774 kcal/dag
- 6. GIR = 3,86 mg/kg/min
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.