Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt 1920 mL sondevoeding per dag voorgeschreven, via een pomp over 18 uur. Op welke snelheid R stel je de pomp in, in mL/h? Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Werkblad Berekeningen bij enterale en parenterale voeding met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een sondevoeding die 2 kcal/mL levert loopt met 50 mL/h gedurende 24 uur per dag. Hoeveel kilocalorieën E krijgt de patiënt per dag?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 64 kg heeft 1,8 g eiwit per kg per dag nodig. De sondevoeding bevat 55 g eiwit per liter en loopt met 60 mL/h gedurende 18 uur per dag. Een eiwitpoeder levert 10 g eiwit per maatlepel. Hoeveel maatlepels n per dag zijn nodig om het tekort aan te vullen? Rond af naar boven op een hele maatlepel.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Gebruik de formule van Devine om het ideale lichaamsgewicht IBW te bepalen van een man die 164 cm lang is (1 in = 2,54 cm). Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt gedurende 24 uur 1800 mL parenterale voeding met eindconcentraties van 15% dextrose en 4% aminozuren, plus 100 mL 20% lipide-emulsie (2 kcal/mL). Bepaal de totale energie E die de patiënt krijgt in kcal per dag. Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 11,5 kg krijgt 12,5% dextrose met 28 mL/h. Bepaal de glucose-infusiesnelheid GIR in mg/kg/min. Rond af op twee decimalen.
Antwoordenblad
- 1. R = 107 mL/h
- 2. E = 2400 kcal/dag
- 3. n = 6
- 4. IBW = 60,5 kg
- 5. E = 1406 kcal/dag
- 6. GIR = 5,07 mg/kg/min
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.