Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt met bolussondevoeding heeft 2400 kcal per dag nodig uit een voeding die 1,5 kcal/mL levert. De dagelijkse hoeveelheid wordt gegeven als 8 gelijke bolussen. Welk volume V wordt per bolus gegeven? Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Werkblad Berekeningen bij enterale en parenterale voeding met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een sondevoeding die 1,5 kcal/mL levert loopt met 75 mL/h gedurende 20 uur per dag. Hoeveel kilocalorieën E krijgt de patiënt per dag?
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 61 kg heeft 1,3 g eiwit per kg per dag nodig. De sondevoeding bevat 40 g eiwit per liter en loopt met 75 mL/h gedurende 18 uur per dag. Een eiwitpoeder levert 6 g eiwit per maatlepel. Hoeveel maatlepels n per dag zijn nodig om het tekort aan te vullen? Rond af naar boven op een hele maatlepel.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Gebruik de formule van Devine om het ideale lichaamsgewicht IBW te bepalen van een vrouw die 157 cm lang is (1 in = 2,54 cm). Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt gedurende 24 uur 1800 mL parenterale voeding met eindconcentraties van 15% dextrose en 5% aminozuren, plus 500 mL 20% lipide-emulsie (2 kcal/mL). Bepaal de niet-eiwitenergie NPC in kcal per dag. Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een kind van 12,5 kg krijgt 12,5% dextrose met 24 mL/h. Bepaal de glucose-infusiesnelheid GIR in mg/kg/min. Rond af op twee decimalen.
Antwoordenblad
- 1. V = 200 mL
- 2. E = 2250 kcal/dag
- 3. n = 5
- 4. IBW = 49,7 kg
- 5. NPC = 1918 kcal/dag
- 6. GIR = 4 mg/kg/min
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.