Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een sondevoeding met 44 g eiwit per liter loopt met 85 mL/h gedurende 20 uur per dag. Hoeveel gram eiwit P krijgt de patiënt per dag? Rond af op één decimaal.
Werkblad Berekeningen bij enterale en parenterale voeding met antwoorden
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt 2000 mL voeding per dag voorgeschreven, gegeven als 8 gelijke bolusvoedingen. Welk volume V wordt per bolus gegeven? Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 70 kg heeft 2 g eiwit per kg per dag nodig. De sondevoeding bevat 44 g eiwit per liter en loopt met 85 mL/h gedurende 24 uur per dag. Hoeveel gram extra eiwit ΔP per dag is nog nodig? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt van 66 kg heeft 2 g eiwit per kg per dag nodig. De sondevoeding bevat 44 g eiwit per liter en loopt met 75 mL/h gedurende 16 uur per dag. Hoeveel gram extra eiwit ΔP per dag is nog nodig? Rond af op één decimaal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een patiënt krijgt gedurende 24 uur 1000 mL parenterale voeding met eindconcentraties van 17,5% dextrose en 5% aminozuren, plus 100 mL 20% lipide-emulsie (2 kcal/mL). Bepaal de verhouding niet-eiwitkilocalorieën tot stikstof NPC : N (het getal x in x : 1). Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Oefenopgave (verzonnen waarden, geen klinisch advies). Een ernstig zieke vrouw is 165 cm lang en weegt 142 kg. Het oefenprotocol geeft 12 kcal/kg werkelijk lichaamsgewicht per dag als de BMI 30–50 kg/m² is en 24 kcal/kg ideaal lichaamsgewicht (Devine) per dag als de BMI boven 50 kg/m² ligt. Bepaal het energiedoel E in kcal/dag. Rond af op het dichtstbijzijnde gehele getal.
Antwoordenblad
- 1. P = 74,8 g/dag
- 2. V = 250 mL
- 3. ΔP = 50,2 g/dag
- 4. ΔP = 79,2 g/dag
- 5. NPC : N = 99
- 6. E = 1366 kcal/dag
Volledige stapsgewijze oplossingen: oefen dit onderwerp op examproblems.com.